Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5. Kaders Jeugdhulp 2020-2024 in de Kempengemeenten

Artikel 5.2 Beleidskaders jeugdhulp 2020-2024

Artikel 5.2 Beleidskaders jeugdhulp 2020-2024

Onderdeel van Verlenging Meerjarenbeleidskader Jeugdhulp in de Kempen 2020-2024

In onze visie is het perspectief vastgelegd dat wij aan alle jeugdigen en ouders in de Kempengemeenten willen bieden. In deze paragraaf wordt uiteengezet hoe de Kempengemeenten dat willen bereiken. We sluiten daarbij aan bij het landelijke actieprogramma “Zorg voor de jeugd” en de zes daarin opgenomen actielijnen (zie paragraaf 3.1.). Deze actielijnen vormen de kapstok om de resultaten van zowel de landelijke evaluatie als de resultaten van de vorige beleidsperiode in de Kempengemeenten te vertalen naar beleid voor de periode 2020-2024. Het gaat om een transformatieproces; we maken een beweging die de inhoudelijke verandering en verbetering binnen de jeugdhulp in de Kempengemeenten tot stand moet brengen. Daarbij stellen we ons in de planperiode steeds de vraag of de beweging die we hebben ingezet zichtbaar is. In de volgende paragrafen zijn de zes actielijnen uitgewerkt overeenkomstig het kwaliteitskompas van Movisie. Per actielijn is kort aangegeven wat de huidige situatie is (monitoring en ambities), welke beweging we inzetten respectievelijk hebben ingezet, wat we in de planperiode willen bereiken (maatschappelijk resultaat) en wat we daarvoor doen en nodig hebben (activiteiten en input kwaliteit). Tenslotte worden er per actielijn indicatoren genoemd die het mogelijk maken om de ontwikkeling (beweging) binnen de actielijn te monitoren (outcome). We maken met name gebruik van indicatoren die landelijk worden gebruikt om de ontwikkeling binnen het actieprogramma “Zorg voor jeugd” te monitoren. Deze hebben overigens niet alleen betrekking op jeugdhulp die door de gemeente wordt uitgevoerd, maar ook op beleidsvelden waarmee de jeugdhulp verbonden is zoals het onderwijs en op jeugdhulp die door anderen wordt uitgevoerd (bijvoorbeeld jeugdreclassering, jeugdbescherming en rechterlijke macht). Outcome heeft betrekking op het directe effect van een voorziening: de cliënt is tevreden, de doelen van de hulp zijn gehaald en problemen of beperkingen zijn voldoende verminderd. Een outcome-indicator is een meetlat om de kwaliteit van zorg- of dienstverlening op een dergelijk aspect zichtbaar te maken. Zo zegt cliënttevredenheid iets over hoe nuttig cliënten de hulp vonden. Met behulp van outcome-indicatoren kunnen gemeenten en aanbieders bespreken of een jeugdhulpvoorziening effectief werkt (nji.nl). Op basis van de geformuleerde indicatoren wordt jaarlijks aan de raden gerapporteerd over de resultaten van dit beleidskader en de op basis daarvan genomen en te nemen acties. Actielijn 1: Betere toegang tot jeugdhulp voor kinderen en gezinnen. Huidige situatie. In het CJG+ de Kempen hebben de Kempengemeenten gezamenlijk de toegang voor de jeugdhulp georganiseerd (zie paragraaf 3.1). Voor cliënten - ouders en jeugdigen- levert de toegang tot hulp regelmatig een knelpunt op, zo constateerden we tijdens gesprekken. Met name de wachttijden die mogelijk plaatsvinden voor het afgeven van een beschikking tijdens het hulpverleningsproces van het LOT of het Kempenteam vinden ouders lastig. Dit vraagt om een efficiëntere samenwerking tussen de jeugdhulpteams in de Kempen om de noodzakelijke specialistische jeugdhulp in te kunnen schakelen. Vroegsignalering en preventie hebben de afgelopen jaren steeds meer aandacht gekregen maar moeten een nog grotere rol spelen bij het voorkomen van de inzet van specialistische jeugdhulp. Deze lijn willen in de planperiode doorzetten. “Ik ben dankbaar dat er een therapie gevonden is voor mijn dochter, die goed helpt en betaald wordt door de gemeente” een ouder. Ambitie, de beweging die wordt nagestreefd: Meer kinderen en ouders in kwetsbare situaties weten hoe ze toegang kunnen krijgen tot jeugdhulp, kunnen laagdrempelig hun hulpvraag stellen en ontvangen, indien nodig, tijdig passende hulp. Beoogde maatschappelijke resultaten Activiteiten en input kwaliteit Kinderen en gezinnen weten waar ze hulp kunnen aanvragen. Investeren in bekendheid van de rol van CJG+ als toegang en uitvoerder van jeugdhulp. Stimuleren van de inzet van onafhankelijke clientondersteuning, met name bij personen met een licht verstandelijke beperking. Social media intensiever gebruiken om doelgroepen te bereiken. Kinderen en gezinnen worden snel geholpen Verkorten van de doorlooptijden in de toegangsfase van het CJG+ de Kempen. Verkorten periode tussen de melding van de hulpvraag en start hulpverlening CJG+ Vergroten van de kwaliteit van het eerste klantcontact. Vergroten van de kennis van medewerkers CJG+ de Kempen m.b.t. mogelijkheden in het voorliggende veld en jeugdhulpvoorzieningen in de regio. Beslissingen over hulp worden samen met de hulpvrager genomen. Kind en ouders worden actiever betrokken en mede verantwoordelijk gemaakt voor het proces van het formuleren van de hulpvraag tot het vinden van een oplossing. Stimuleren van het betrekken van het netwerk van de hulpvrager. Er is een Integrale , samenhangende toegang en afstemming binnen het Sociaal Domein, overige gemeentelijke taakvelden en partners. Het verbeteren van de samenwerking met collega’s die de Wmo, Participatiewet, het minimabeleid en de schuldhulpverlening uitvoeren. Evalueren en zo nodig verbeteren van onze samenwerking met huisartsen, de jeugdgezondheidszorg, het onderwijs en opvang. Het percentage jeugdigen en ouders dat jeugdhulp nodig heeft neemt af. Trainingsaanbod CJG+ uitbreiden. Investeren op de deelname aan de pilot van het IJslandse preventiemodel . Jeugd- en gezinswerkers zijn vaker fysiek aanwezig op scholen en andere vindplaatsen van jeugdigen. Het verder ontwikkelen van vraaggerichte activiteiten ; waarbij aandacht voor specifieke doelgroepen. Stimuleren van samenwerkingstrajecten tussen kinderopvang, onderwijs en jeugdhulpaanbieders gericht op vroegtijdige signalering en professionalisering/coaching medewerkers en (tijdelijke) ondersteuning professionals, om een kind/gezin zich optimaal te laten ontwikkelen en/of ter behandeling van specifieke problemen van kind of gezin op (of nabij) de vindplaats. Jeugdigen beter beschermen tegen de nadelige effecten van (v)echtscheidingen. Het beter benutten van vrij toegankelijke voorzieningen in het voorliggende veld. Verbeteren dienstverlening CJG+ Het onderzoeken van mogelijkheden om de huidige maximale termijn van voor toekennen van een individuele jeugdhulpvoorziening ( 1 jaar) te verlengen. Onderzoeken mogelijkheden om verlengen van inzet individuele jeugdhulpvoorziening te vereenvoudigen. Gebruik maken van nieuwe technologieën in de ondersteuning. “Bij de huisarts kan ik meteen terecht, duurt te lang bij het CJG” een ouder. Prestatie indicatoren: outcome 2020 2021 2022 2023 Ik weet waar ik terecht kan als ik hulp nodig heb Beslissingen over hulp worden samen met mij genomen Ik ben snel geholpen Doorlooptijd melding- aanvraag- besluit CJG+ Doorlooptijd besluit CJG+ - start arrangement Aantal jeugdigen met jeugdhulpvoorziening dat zonder hulp verder kan na afronding ondersteuning (doelrealisatie) Aantal jeugdigen met jeugdhulpvoorziening dat geen nieuwe hulp nodig heeft na afronding ondersteuning (herhaald beroep) Aantal jeugdigen met jeugdhulpvoorziening dat probleemafname ervaart Aantal jeugdigen met jeugdhulpvoorziening waarbij de overeengekomen doelen gerealiseerd zijn Aantal afgegeven beschikkingen voor individuele jeugdhulpvoorzieningen Aantal verwijzingen naar algemene voorzieningen (CJG+) Aantal jeugdigen met jeugdhulp vanuit (v)echtscheiding Beslispunt 1: akkoord gaan met de beoogde maatschappelijke resultaten en activiteiten om te komen tot een betere toegang voor jeugdhulp Actielijn 2: Meer kinderen zo thuis mogelijk laten opgroeien Huidige situatie Elk kind heeft recht op een liefdevolle en stabiele omgeving om in op te groeien. Hulpvragen - en de oorzaken ervan - zijn soms divers (heterogeen). Er is dan sprake van meervoudige en complexe hulpvragen. Niet één van de problematieken is bovenliggend, maar het is een combinatie van meerdere kernproblemen. Tegelijkertijd ontbreekt een aantal beschermende factoren, zoals gehechtheid en een veilige omgeving. De combinatie van factoren zorgt voor ernstige ontregeling, inclusief veiligheidsrisico’s bij de jongere zelf en in de omgeving. Ook voor deze kinderen is het van belang dat zij zo veel mogelijk in de eigen thuissituatie kunnen opgroeien. Als dat niet lukt spelen pleegzorg en andere vormen van gezinsgerichte jeugdhulp een belangrijke rol in het realiseren van het doel 'zo thuis mogelijk opgroeien'. In onze regio hebben we een goed aanbod van pleegouders en kleinschalige opvang. Dit stelt ons in staat om een groot aantal kinderen, die niet thuis kunnen verblijven, dicht bij huis op te laten groeien. Bij verblijf buiten het eigen gezin heeft een combinatie met zorg thuis altijd de voorkeur. Onze inzet is om de goede lijn voort te zetten en zo mogelijk en wenselijk nog verder te verbeteren. De beweging die wordt nagestreefd: Kinderen worden thuis geholpen en als dat niet kan, is “ thuis” onderdeel van de hulp of ondersteuning die gezinsgericht is vormgegeven. Beoogde maatschappelijke resultaten Activiteiten en input kwaliteit Minder jeugdhulp met verblijf Verder ontwikkelen en benutten van interventies om kinderen bij eigen ouders te laten opgroeien. Via inkoop sturen op nieuwe vormen van kleinschalige, gezinsgerichte en perspectief biedende voorzieningen. Het aantal (vrijwillig) gesloten plaatsingen van jeugdigen terugbrengen en de duur van de plaatsingen verkorten in samenwerking met de regio. Inrichten van mentorschap voor jeugdigen. Prestatie-indicatoren: outcome 2020 2021 2022 2023 Aantal jeugdigen met opvang in pleeggezinnen Aantal (vrijwillig) gesloten plaatsingen Totaal jeugdhulp met verblijf Aantal kleinschalige voorzieningen in de regio Beslispunt 2: akkoord gaan met de beoogde maatschappelijke resultaten en activiteiten om meer kinderen zo thuismogelijk te laten opgroeien. Actielijn 3: Alle kinderen de kans bieden zich te ontwikkelen Huidige situatie Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het bij elkaar brengen van onderwijs, opvang en jeugdhulp en het maken van niet vrijblijvende lokale afspraken hierover. We sluiten hierbij aan bij de conclusies en aanbevelingen van René Peeters zijn rapport ‘Mét andere ogen’ ( zie paragraaf 2.3 ). De ontwikkeling van kinderen start bij -9 maanden en loopt door tot het 18e levensjaar en zelfs tot 23 als het gaat om het halen van een startkwalificatie.. De gemeente heeft een aantal wettelijke taken en een aantal keuzemogelijkheden om de ontwikkeling van alle kinderen positief te beïnvloeden. Vanuit het jeugdhulpperspectief is de gemeente ondersteunend aan deze ontwikkeling en wordt er nauw samen gewerkt met betrokken partners zoals onderwijs, opvang, de jeugdgezondheidszorg en leerplicht om de doorgaande ontwikkellijn zo veel als mogelijk te borgen en onze visie op jeugdhulp te realiseren. Ten aanzien van de aansluiting van jeugdhulp en passend onderwijs zijn er gezamenlijk met de samenwerkingsverbanden verbeterpunten opgesteld die we op diverse niveaus met elkaar aan het uitwerken zijn. Het ontwikkelen van onderwijszorgarrangementen, waarbij onderwijs en zorg in een integraal plan wordt aangeboden is een belangrijk verkenningspunt. De beweging die wordt nagestreefd: Minder kinderen die thuiszitten of jeugdhulp krijgen zonder deel te nemen onderwijs. Beoogde maatschappelijke resultaten Activiteiten en input kwaliteit Alle kinderen de kans bieden zich te ontwikkelen. Voortzetten en verder ontwikkelen van de samenwerking met onderwijs opvang en jeugdgezondheidszorg waarbij de jeugdhulpprofessional expertise inbrengt in de dagelijkse praktijk zodat er vroegtijdig kan worden gesignaleerd en de juiste (route naar) ondersteuning kan worden geboden of genormaliseerd. Geen enkel kind zit langer dan 3 maanden thuis zonder een passend aanbod vanuit het onderwijs, de zorg, of beide. Jeugdhulp, onderwijs en leerplicht werken intensiever samen en hebben meer kennis van elkaars wettelijke opdracht en werkwijze. Ontwikkelen van onderwijszorgarrangementen. Prestatie-indicatoren: outcome 2020 2021 2022 2023 Aantal kinderen met jeugdhulp ingeschreven in onderwijs t.o.v. leeftijdsgenoten zonder jeugdhulp Aantal onderwijszorgarrangementen Aantal vrijstellingen leerplicht (muv die ivm onderwijs in België) Aantal thuiszitters Aantal thuiszitters langer dan 3 maanden % vroegtijdig schoolverlaten % kinderen dat voorschoolse voorzieningen bezoekt Beslispunt 3: akkoord gaan met de beoogde maatschappelijke resultaten en activiteiten om kinderen kansen te bieden zich te ontwikkelen. Actielijn 4: Kwetsbare jeugdigen beter op weg helpen zelfstandig te worden. Huidige situatie. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de ondersteuning op het gebied van jeugdhulp, maatschappelijke ondersteuning en arbeidsparticipatie. Gemeenten zijn daarmee ook verantwoordelijk voor een goede overdracht van jeugdhulp naar volwassenenhulp. Uit landelijk onderzoek blijkt dat circa 15 procent van alle jeugdigentussen de 16 en 27 jaar zich in een kwetsbare positie bevindt door problemen op één of meer leefgebieden. Het kan gaan om schulden, geen goede plek om te wonen, een complexe thuissituatie, vluchteling zijn, verslaving, geen werk, schooluitval, een achterstand in ontwikkeling en onvoldoende startkwalificatie. Een startkwalificatie is het minimale onderwijsniveau dat nodig is om serieus kans te maken op duurzaam geschoold werk. Vaak hebben deze jeugdigen te maken met een combinatie van problemen waarbij ze – veelal vanuit de Jeugdwet - ondersteuning krijgen. Als deze jeugdigen18 jaar worden, verandert er veel voor hen. Van de ‘beschermende’ omgeving van school en jeugdhulp, belanden zij in de vraaggerichte Wmo, de Zorgverzekeringswet, de Wet langdurige zorg en de meer eisen stellende Participatiewet. Ze krijgen te maken met regelingen en instanties die gericht zijn op volwassenen en een zekere mate van zelfredzaamheid veronderstellen. “De Jeugdwet en de Wmo , dat is toch van de gemeente, waarom is de overgang dan zo moeilijk? “ een inspreker “De kennis van de sociale kaart is onvoldoende” een ouder. De beweging die wordt nagestreefd: Jeugdigen in een kwetsbare situatie zijn goed ondersteund op weg naar zelfstandigheid als ze na hun 18e verjaardag zelfstandig kunnen zijn op de vier domeinen wonen, school en/of werk, inkomen en schulden en doorlopende zorg. Beoogde maatschappelijke resultaten Activiteiten en input kwaliteit. Kwetsbare jeugdigen beter op weg helpen zelfstandig te worden. Opzetten van een gezamenlijke aanpak van gemeenten en partners op verschillende leefgebieden: onderwijs, werk, inkomen, zorg, veiligheid en wonen. Verbeteren van de overgang van jeugdhulp naar hulp vanuit Wlz, Zvw en/of de Wmo. Inrichten van mentorschap voor jeugdigen. Prestatie-indicatoren: outcome 2020 2021 2022 2023 Ik ben – toen ik 18 werd- goed geholpen bij de overgang van jeugdhulp naar andere zorg Werkloosheid onder jeugdigen met jeugdhulp Beslispunt 4: akkoord gaan met de beoogde maatschappelijke resultaten en activiteiten om kwetsbare jeugdigenbeter op weg helpen zelfstandig te worden. Actielijn 5: Jeugdigen beter beschermen als hun ontwikkeling gevaar loopt. Huidige situatie Het lukt ons steeds beter om op tijd kinderen, jeugdigen of gezinnen met complexe problemen en met een verhoogd risico op onveiligheid te signaleren en op te pakken. Wij zijn hierin succesvoller dan het landelijk beeld, waarbij het tijdig signaleren en oppakken nog vaak een probleem blijkt. We kunnen vaak voorkomen dat er naar zware – jeugdbeschermingsmaatregelen- gegrepen moet worden. Onze inzet is om de goede lijn voort te zetten en zo mogelijk en wenselijk nog verder te verbeteren. De beweging die wordt nagestreefd: Als jeugdigen bescherming nodig hebben bieden we die zo snel en goed mogelijk. Waar mogelijk voorkomen we dat een maatregel van jeugdbescherming nodig is. Dit alles met het doel dat ze blijvend in staat zijn om zonder jeugdbescherming verder te kunnen. Beoogde maatschappelijke resultaten Activiteiten en input kwaliteit. Verkorten van de jeugdbeschermingsketen. Blijven investeren in het samenwerken met jeugdbescherming, jeugdreclassering, Veilig Thuis en gecertificeerde instellingen. Minder instroom in jeugdbescherming. Verder ontwikkelen van de toegang CJG+ : aandacht voor gezinsproblematiek, signaleren van onveilige situaties en meer kennis en expertise bij de start van de beoordeling van de hulpvraag. Minder uithuisplaatsingen binnen ondertoezichtstelling (OTS) of voogdij. Blijven investeren in de samenwerking met jeugdbescherming, jeugdreclassering en gecertificeerde instellingen. Prestatie-indicatoren: outcome 2020 2021 2022 2023 Aantal cliënten dat instroomt in jeugdbescherming Aantal uithuisplaatsingen binnen OTS of Voogdij Voogdij Percentage uithuisplaatsingen bij OTS Percentage Gezinnen met VTO dat gevolgd is Beslispunt 5: akkoord gaan met de beoogde maatschappelijke resultaten en activiteiten om jeugdigen beter te beschermen als hun ontwikkeling gevaar loopt. Actielijn 6: Investeren in vakmanschap van jeugdprofessionals Huidige situatie Jeugdprofessionals moeten zich blijvend ontwikkelen in hun vakmanschap. Dit is een voorwaarde om de hiervoor omschreven transformatie binnen de jeugdhulp - de beweging beschreven in de actielijnen 1 t/m 5- te realiseren. Zij moeten beschikken over de juiste kennis, houding en vaardigheden. Dit vraagt om een investering in kennis en het creëren van een veilige omgeving waarin geleerd en ontwikkeld kan worden. Goed opdrachtgever- en opdrachtnemerschap , verminderde regeldruk en minder administratieve lastendruk kunnen dit bevorderen. Alle jeugd- en gezinswerkers zijn geregistreerd in het register van de Stichting Kwaliteitsregister Jeugd of in het BIG-register. Vanaf 1 januari 2020 zijn de jeugd- en gezinswerkers in dienst van Samenwerking Kempengemeenten. Het investeren in vakmanschap heeft aandacht in de bedrijfsvoering van de Samenwerking Kempengemeenten. Uitgangspunten hierbij zijn: ruimte voor scholing en ontwikkeling en het verminderen van de werkdruk. De beweging die wordt nagestreefd: Professionals werken in een gezonde arbeidsmarkt waar ze minder last hebben van taakeisen (regel- werkdruk) en meer ruimte is voor vakmanschap, autonomie en tevredenheid, in het belang van het kind en gezin. Onderstaande uitgangspunten hebben betrekking op de bedrijfsvoering van het CJG+. Beoogde Resultaten Activiteiten en input kwaliteit Meer ruimte voor vakmanschap professional. Verantwoordelijkheden zo laag mogelijk in de organisatie beleggen (mandatering). Onderzoek doen naar de mogelijkheid om rapportages te vereenvoudigen en korter te maken. Voldoende ruimte bieden voor collegiaal overleg en intervisie CJG+. Verbinding tussen de teams van het CJG+ verbeteren. Tevreden medewerkers. Structureel medewerkerstevredenheid meten en op basis daarvan verbeteracties ondernemen. Verminderen van de regeldruk. Onderzoeken welke interne regels (werkinstructies, protocollen etc) onnodig zijn en afgeschaft / ingetrokken kunnen worden. Implementeren van aanbevelingen uit het landelijk onderzoek om administratieve druk te verminderen. Onderstaande indicatoren worden periodiek gemeten: Prestatie-indicatoren: outcome 2020 2021 2022 2023 Ervaren werkdruk ( te laag, goed, te hoog) Invloed op inhoud van het werk Kunnen ontplooien Tevredenheid over het werk Last van vermijdbare administratieve lasten Beslispunt 6: Instemmen met het investeren in vakmanschap van de jeugdprofessionals.

Rechtspraak bij dit artikel