Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4 › Paragraaf 4.3.

Artikel 4.3.3

Heroverweging binnen drie maanden en inkeerbepaling

Onderdeel van Verordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Hoeksche Waard

1.. Het college stelt de heroverwegingstermijn als bedoeld in artikel 18, lid 3 van de PW op drie maanden. 2.. Het college kan op verzoek van de inwoner op grond van artikel 18, lid 5, 6, 7 of 8 PW, de afstemming herzien. Uit houding en gedragingen van de inwoner moet blijken dat hij/zij de verplichtingen alsnog nakomt. Het verzoek kan worden ingediend vanaf de datum van de beschikking tot de einddatum van de looptijd van de verlaging. De inwoner moet aantoonbaar maken dat de betreffende verplichting als bedoeld in artikel 18 lid 4 van de PW alsnog wordt nagekomen. 3.. Het gestelde in lid 2 is niet van toepassing als er een verlaging opgelegd is in verband met zeer ernstig misdragen (agressie) dan wel tekortschietend besef van verantwoordelijkheid in de voorziening van het bestaan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel