Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf

Artikel 2b.

Toetsing van de melding

Onderdeel van Protocol vermoeden van integriteitsschending door politieke ambtsdragers gemeente Asten

1.. De integriteitsdriehoek toetst of een onderzoek als bedoeld in stap 3 noodzakelijk is. 2.. De integriteitsdriehoek kan zich bij de toetsing laten adviseren door het Steunpunt Integriteitsonderzoek van het Centrum voor Arbeidsverhoudingen overheidspersoneel (CAOP). 3.. Een integriteitsmelding wordt in ieder geval getoetst op: de aard van het feit de ontvankelijkheid van de melding de ernst van de zaak de valideerbaarheid van feiten en omstandigheden de positie van de melder, van de betrokken politieke ambtsdrager en hun onderlinge betrokkenheid de geloofwaardigheid / waarschijnlijkheid van de melding. 4.. De burgemeester besluit, op grond van de bevindingen van de integriteitsdriehoek of een onderzoek, zoals bedoeld in stap 3, wordt ingesteld. Indien een onderzoek wordt ingesteld wordt het college en de commissie integriteit schriftelijk onder geheimhouding hiervan op de hoogte gesteld. 5.. Indien op basis van de bevindingen van de integriteitsdriehoek een duidelijke schending van de integriteit blijkt en de burgemeester besluit geen nader onderzoek in te stellen, zendt de burgemeester de bevindingen onder geheimhouding naar het college en de commissie integriteit voor bespreking en mede op basis van de bevindingen besluit de burgemeester of er gronden zijn om de raad onder geheimhouding of, indien van toepassing de Commissaris van de Koning, te infor- meren over de bevindingen. 6.. Indien de burgemeester, na eventueel advies van het college en/of de commissie integriteit, besluit dat er geen onderzoek nodig is worden de melder en de betrokken politieke ambtsdrager hierover schriftelijk in kennis gesteld en is de melding afgehandeld.

Rechtspraak bij dit artikel