Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, wordt een extracomptabel systeem van kostentoerekening gehanteerd. Bij deze kostentoerekening worden naast de directe kosten, de bedrijfsvoeringkosten (waaronder de overheadkosten) en de rente van de inzet van vreemd vermogen voor de financiering van de in gebruik zijnde activa betrokken.
Bij de directe kosten worden betrokken de bijdragen aan en onttrekkingen van voorzieningen voor de noodzakelijke vervanging van de betrokken activa en de afschrijvingskosten van de in gebruik zijnde activa. Voor de rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, zoals rioolheffing en afvalstoffenheffing worden daarbij ook de compensabele BTW, kosten van straatreiniging, onderhoud van watergangen, gederfde inkomsten en de kosten van het kwijtscheldingsbeleid betrokken.
Voor de toerekening van de overheadkosten aan de producten wordt de methode van budgetbeslag gehanteerd. Hierin worden de overheadkosten toegerekend op basis van de omvang van de budgetten (grootboekrekeningen).
Het percentage van de omslagrente voor de toerekening van rente voor de financiering van de in gebruik zijn de activa wordt jaarlijks met de begroting vastgesteld.
Het percentage van deze omslagrente wordt bepaald uit het gewogen gemiddelde van de bij de begroting geraamde rentekosten op de opgenomen langlopende leningen, kortlopende leningen en kredieten, minus de geraamde rentebaten op verstrekte kortlopende en langlopende leningen, gedeeld door de boekwaarde van de vaste activa, welke integraal zijn gefinancierd.
In afwijking van voorgaande wordt bij een verstrekte lening voor de bepaling van de rentekosten van de inzet van vreemd vermogen in de kostprijs uitgegaan van de rente van de lening, die voor de financiering van de verstrekte lening is aangetrokken. Dit rentepercentage wordt verhoogd met een opslag voor het debiteurenrisico van 0,5%.
In afwijking van het eerste lid worden bij vennootschapsbelastingplichtige activiteiten en grondexploitaties alleen de rentekosten voor de inzet van vreemd vermogen aan de kostprijs toegerekend. In andere gevallen wordt uitgegaan van het gewogen gemiddelde rentepercentage van de portefeuille leningen.
Paragraaf 4.
Artikel 17.
Kostprijsberekening
Onderdeel van Verordening financieel beleid, beheer en organisatie gemeente Woensdrecht 2023