Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 2

Artikel 15

Spreekrecht in de commissie

Onderdeel van Verordening op de commissies van de raad 2023

Na de opening van de openbare vergadering kan elk persoon en/of groepering woonachtig, gevestigd of op een andere wijze belanghebbende in de gemeente Beuningen maximaal 5 minuten het woord voeren over een geagendeerd of een niet geagendeerd onderwerp. Het is niet mogelijk in te spreken: over een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar of beroep op de rechter openstaat of heeft opengestaan, niet zijnde een zienswijze vanwege een vast te stellen bestemmingsplan; over zaken waar de gemeente niet over gaat; over benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen; indien een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend; wanneer een inspreker al eerder over hetzelfde onderwerp heeft ingesproken; wanneer de voorzitter dit geraden voorkomt. Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit ten minste 24 uur voor de aanvang van de vergadering aan de griffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp, waarover hij het woord wil voeren. De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het belang is van de orde van de vergadering. Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord, met dien verstande dat in totaal 30 minuten beschikbaar is voor de uitoefening van het spreekrecht van alle geagendeerde onderwerpen. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd. Inspreken over geagendeerde onderwerpen vindt plaats aan het begin van het geagendeerde agendapunt, tenzij de voorzitter anders bepaalt. De te hanteren procedure bij inspreken over niet geagendeerde en geagendeerde onderwerpen is als volgt: de spreker voert het woord achter het katheder, nadat de voorzitter hem dit heeft verleend. de voorzitter staat de deelnemers aan de commissievergadering toe aan insprekers een korte, verhelderende vraag te stellen. Er vindt geen discussie plaats tussen een inspreker en deelnemers van de vergadering. De inspreker neemt weer plaats op de publieke tribune. De deelnemers aan de commissievergadering krijgen desgewenst de mogelijkheid met elkaar in gesprek te gaan of het college vragen te stellen. de voorzitter doet een voorstel voor de behandeling van de inspreker.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel