Naar hoofdinhoud

Artikel 2:78

Gebiedsontzeggingen

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Landgraaf 2023

1.. In het belang van de openbare orde, het voorkomen of beperken van overlast, het voorkomen of beperken van aantastingen van het woon- en leefklimaat, de veiligheid van personen of goederen, de verkeersveiligheid, de gezondheid of de zedelijkheid, kan de burgemeester of een daartoe aangewezen politieambtenaar of een bijzonder opsporingsambtenaar aan een persoon die strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen verricht een tijdelijk verbod opleggen om gedurende ten hoogste 24 uur in een of meer bepaalde delen van de gemeente op een openbare plaats aanwezig te zijn. 2.. Met het oog op de in het eerste lid genoemde belangen kan de burgemeester; aan een persoon aan wie tenminste eenmaal een tijdelijk verbod als bedoeld in dat lid is opgelegd en die binnen zes maanden na een eerder tijdelijk verbod opnieuw strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen verricht, een tijdelijk verbod opleggen om gedurende ten hoogste een maand niet in een of meer delen van de gemeente op een openbare plaats aanwezig te zijn. aan de persoon, aan wie eerder een tijdelijk verbod als bedoeld onder a is opgelegd, en die binnen zes maanden opnieuw strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen verricht, een verbod opleggen om gedurende ten hoogste zes maanden niet in een of meer delen van de gemeente op een openbare plaats aanwezig te zijn. 3.. De burgemeester beperkt het in het tweede lid, onder a en b genoemde verbod of de daarin genoemde termijn indien dat in verband met de persoonlijke omstandigheden van betrokkene noodzakelijk is. 4.. Het is verboden te handelen in strijd met een krachtens het eerste of tweede lid opgelegd verbod. 5. . Indien de officier van justitie een persoon een gedragsaanwijzing heeft gegeven als bedoeld in artikel 509hh, tweede lid, onderdeel a, van het Wetboek van Strafvordering, legt de burgemeester aan deze persoon voor hetzelfde gebied niet een tijdelijk verbod op als bedoeld in het eerste of tweede lid.

Rechtspraak bij dit artikel