1 De commissie bestaat uit drie kamers, die belast worden met de
behandeling van bezwaarschriften.
2 Er is een kamer I voor de behandeling van bezwaarschriften op
grond van andere wetten en regelingen dan in dit artikel onder 3 en
4 genoemd.
3 Er is een kamer II voor de behandeling van bezwaarschriften op
grond van de Wet werk en bijstand, op grond van andere besluiten op
het gebied van de sociale zekerheid en op grond van de Wet
maatschappelijke ondersteuning.
4 Er is een kamer III voor de behandeling van bezwaren op grond van
de Ambtenarenwet.
5 Elke kamer bestaat uit een voorzitter, c.q. kamervoorzitter, twee
leden en één of meer plaatsvervangende leden.
6 De vervanging van de kamervoorzitter geschiedt door één van de
leden van die Kamer in onderling overleg of door de vaste voorzitter
van een andere Kamer.
7 Indien een lid verhinderd is een vergadering bij te wonen, wordt
deze vervangen door een plaatsvervangend lid. Indien er geen
plaatsvervangend lid beschikbaar is, vindt het horen plaats door de
kamervoorzitter en één lid, ofwel wijst de kamervoorzitter een lid
van een andere Kamer aan om de commissie aan te vullen.
8 Indien de voorzitter van een kamer dit in verband met de aard van
het onderwerp noodzakelijk acht, vindt de behandeling van een
bezwaarschrift plaats door de gezamenlijke kamers I en II van de
commissie.
9 Met betrekking tot de werkwijze van de kamers is het bepaalde in
deze regeling zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 1
Artikel 3
Samenstelling van de commissie
Onderdeel van Regeling inzake de behandeling van bezwaarschriften