**1..** Het college kan onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden, die additioneel van aard zijn, opdragen als tegenprestatie voor zover die werkzaamheden:
naar hun aard niet zijn gericht op toeleiding tot de arbeidsmarkt; en
niet zijn bedoeld als re-integratie instrument; en
worden verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid in de organisatie waarin ze worden verricht; en
niet leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt.
**2..** Bij het opdragen van een tegenprestatie houdt het college in ieder geval rekening met de volgende factoren:
de tegenprestatie moet naar vermogen kunnen worden verricht door de belanghebbende;
de persoonlijke situatie en individuele omstandigheden van de belanghebbende;
de persoonlijke wensen en kwaliteiten van de belanghebbende;
de werkzaamheden die door belanghebbende in het kader van vrijwilligerswerk reeds door de belanghebbende worden verricht.
**3..** Het college draagt geen tegenprestatie op indien een belanghebbende mantelzorg verricht voor zover het verrichten van mantelzorg naar het oordeel van het college redelijkerwijs noodzakelijk is.
**4..** Het college kan nadere regels stellen ten aanzien van de omvang en de duur van de tegenprestatie.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.1
Tegenprestatie
Onderdeel van Re-integratieverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Kempengemeenten 2023