Volgens artikel 6 AVG is de verwerking van persoonsgegevens alleen rechtmatig als daarvoor één of meer van de volgende grondslagen is aan te wijzen:
de betrokkene heeft toestemming gegeven voor de verwerking van zijn persoonsgegevens voor een of meer specifieke doeleinden;
de verwerking is noodzakelijk voor de uitvoering van een overeenkomst waarbij de betrokkene partij is, of om op verzoek van de betrokkene vóór de sluiting van een overeenkomst maatregelen te nemen;
de verwerking is noodzakelijk om te voldoen aan een wettelijke verplichting die op de verwerkingsverantwoordelijke rust;
de verwerking is noodzakelijk om de vitale belangen van de betrokkene of van een andere natuurlijke persoon te beschermen;
de verwerking is noodzakelijk voor de vervulling van een taak van algemeen belang of van een taak in het kader van de uitoefening van het openbaar gezag dat aan de verwerkingsverantwoordelijke is opgedragen;
de verwerking is noodzakelijk voor de behartiging van de gerechtvaardigde belangen van de verwerkingsverantwoordelijke of van een derde, behalve wanneer de belangen of de grondrechten en de fundamentele vrijheden van de betrokkene die tot bescherming van persoonsgegevens nopen, zwaarder wegen dan die belangen, met name wanneer de betrokkene een kind is.
Bij de verwerking van persoonsgegevens, die van de stichting M. worden verkregen, kan de onder c) genoemde grondslag in de meeste gevallen als grondslag van verwerking worden aangewezen. Weliswaar behoort het bestrijden van criminaliteit niet primair tot de taak van de gemeente, maar criminaliteit kan gevolgen hebben voor de openbare orde. En daarmee is de gemeente (de burgemeester) op grond van artikel 172 Gemeentewet wel belast. Van een verstoring van de openbare orde is sprake bij verstoring van enige betekenis van de normale gang van zaken in of aan de desbetreffende openbare ruimte (Hoge Raad 30 januari 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ2104, r.o. 3.4.1).
Daarnaast zijn er andere wettelijke bepalingen aan te wijzen (artikel 13b Opiumwet, artikel 274 en 274a Gemeentewet) die de burgemeester bevoegdheden geven op het gebied van de openbare orde. Zie in dit verband de annotatie onder AB 2021/334.
Ook valt te wijzen op de bevoegdheden die de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob) aan de bestuursorganen van de gemeente toekent met als doel het voorkomen dat met vergunningen, subsidies, overheidsopdrachten, vastgoedtransacties strafbare feiten worden begaan.
Als het gaat om een melding over mogelijke sociale fraude is de Participatiewet de wettelijke grondslag voor de verwerking van persoonsgegevens.
Als er geen wettelijke taak is die kan dienen als grondslag voor de verwerking van persoonsgegevens, zal de onder e) genoemde grondslag over het algemeen als grondslag kunnen dienen. Volgens overweging 45 van de AVG schrijft de AVG niet voor dat voor elke afzonderlijke verwerking specifieke wetgeving vereist is. Er kan worden volstaan met wetgeving die als basis fungeert voor verscheidene verwerkingen op grond van een wettelijke verplichting die op de verwerkingsverantwoordelijke rust, of voor verwerking die noodzakelijk is voor de vervulling van een taak van algemeen belang dan wel voor een taak in het kader van de uitoefening van het openbaar gezag.
Als geen grondslag voor de verwerking van persoonsgegevens valt aan te wijzen, is de verwerking van persoonsgegevens niet toegestaan en zal de melding niet in behandeling kunnen worden genomen. De melding dient dan terstond uit de systemen van de gemeente te worden verwijderd.
Artikel Grondslag
Artikel Grondslag
Onderdeel van Privacyprotocol Meld Misdaad Anoniem gemeente Bergeijk 2023