De krapte op de arbeidsmarkt, vergrijzing en ontgroening zorgen ervoor dat steeds meer bedrijven een beroep doen op buitenlandse arbeidsmigranten. Dit betekent ook een toenemende behoefte aan geschikte huisvesting. Om te garanderen dat de huisvesting voldoet aan de geldende kwaliteitseisen, er geen onwenselijke of overlastsituaties voorkomen én de leefbaarheid voor zowel de arbeidsmigrant zelf als de omgeving te waarborgen is, is er helder beleid nodig. Hiertoe willen wij aansluiten bij het beleid dat gemeente Sittard-Geleen momenteel (2023) opstelt.
(concept-)Beleidskaders:
Definitie doelgroep: Het beleidskader richt zich op de arbeidsmigranten (zie definities). Op basis van verblijfsduur (in relatie tot specifieke woonbehoeften) worden hierbij drie groepen vastgesteld met de volgende verblijfstermijnen:
Short stay arbeidsmigranten (verblijf van maximaal 1 jaar binnen onze gemeente of Nederland) verblijven voor een korte periode in Nederland (bijvoorbeeld een seizoen). Deze groep heeft behoefte aan specifieke woonvoorzieningen gericht op een korte verblijfsduur en kan daarom niet terugvallen op de reguliere woningmarkt.
Mid stay arbeidsmigranten (verblijf van minimaal 1 en maximaal 3 jaar in onze gemeente of Nederland) zijn een groep welke nog niet heeft besloten of terugkeer naar het land van herkomst een optie is of juist voor langere tijd, soms zelfs permanent, zich te vestigen in Nederland.
Long stay arbeidsmigranten (verblijf van langer dan 3 jaar of permanent in Nederland vestigt) vestigen zich voor een langere termijn of zelf permanent in Nederland. Deze groep kan veelal terugvallen op de reguliere woning- en huurmarkt.
Woonvormen en locatie: Voorgesteld wordt om de volgende huisvestingsvormen met bijbehorende voorwaarden op te nemen in het beleid:
Huisvesting in de reguliere woningvoorraad: Reguliere woningen (incl. bedrijfswoningen) zijn bedoeld voor bewoning in gezinsverband én voor long stay arbeidsmigranten. Gedacht wordt aan een maximaal aantal van 4 arbeidsmigranten per woning, een maximumpercentage verhuurde woningen per straat en een afstandsnorm tussen verhuurde woningen.
Huisvesting in bestaande gebouwen, niet zijnde woningen: Dit toe te staan door middel van een tijdelijke omgevingsvergunning voor een maximale periode van 10 jaar voor de groep mid-stay arbeidsmigranten met inbegrip van randvoorwaarden ten aanzien van beheer, toezicht, minimale/maximale omvang van het aantal arbeidsmigranten en het verblijfsklimaat. Daarnaast is een goede communicatie met omwonenden en een zogeheten omgevingsdialoog voorwaardelijk (volgens het vastgesteld gemeentelijk participatiebeleid inclusief stappenplan).
Nieuw te realiseren tijdelijke huisvesting: Onderzoeken of tijdelijke huisvesting voor maximaal aantal mid-stay arbeidsmigranten gecombineerd kan worden met de te realiseren flexwoningen.
Huisvesting bedrijventerreinen of in het buitengebied (bijv. bij agrarische bedrijven of in vrijkomende agrarische bebouwing): Dit niet toe te staan.
Kwaliteit: Arbeidsmigranten leven vaak onder zeer slechte omstandigheden. In het kader van een goed woon- en leefklimaat wordt een SNF-certificering (Stichting Normering Flexwonen) verplicht gesteld. Uit het rapport Roemer wordt de aanbeveling overgenomen dat er maximaal twee personen per kamer mogen worden gehuisvest.
Leefbaarheid & openbare orde en veiligheid:
Voorgesteld wordt om de APV aan te passen en een exploitatievergunningplicht op te nemen voor het huisvesten van arbeidsmigranten. Hierbij dient ook automatisch een Bibob toets gedaan te worden. In de exploitatievergunning worden de volgende onderdelen opgenomen: instellen huisreglement, beheer, verplicht instellen nachtregister, meldplicht verhuur woningen en gedragseisen exploitant beheerder.
Iedereen die het voornemen heeft om 4 maanden (over een periode van 6 maanden) in Nederland te verblijven is verplicht zich in te schrijven in de Basisregistratie Personen (BRP). Wanneer iemand langer dan vier maanden in de gemeente verblijft en deze persoon na controle, van bijvoorbeeld het nachtregister, niet blijkt te zijn ingeschreven wordt er toeristenbelasting geheven. Een interne werkgroep bestaande uit de afdelingen KCC en Burgerzaken en Handhaving deelt samen gegevens over inschrijving en controleert op naleving van de inschrijving door het regelmatig uitvoeren van controles.
Na vaststelling beleid eventuele huisvestingslocaties aan te schrijven, te onderzoeken of er zicht is op legalisatie en zo nodig te handhaven. Hierbij worden ook andere organisaties betrokken, waaronder de inspectie voor SZW, politie en het SNF-keurmerk.
Verplichting dat de initiatiefnemer een omgevingsdialoog instelt bij initiatieven voor de huisvesting van arbeidsmigranten conform ons vastgesteld participatiebeleid Omgevingswet.
Van initiatiefnemer wordt een bepaalde maatschappelijke verantwoordelijkheid gevraagd voor het realiseren van een nieuw initiatief.
Voor de meeste huisvestingsvormen is een vergunning nodig voor het afwijken van het bestemmingsplan. Deze vergunning dient te worden voorzien van een ruimtelijke onderbouwing, waarin (al dan niet op basis van onderzoeken) wordt aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening (rekening houden met woon- en leefklimaat van de omgeving).
Het huisvesten van arbeidsmigranten vergroot de parkeerdruk in de gemeente. In veel gevallen hebben arbeidsmigranten een eigen auto. Bij huisvestingslocaties voor arbeidsmigranten hanteren een norm van 0,6 parkeerplaats per 2 arbeidsmigranten.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.5.
Artikel 3.5.2.
Arbeidsmigranten
Onderdeel van WOONZORGVISIE STEIN 2023-2028 Dat maakt Stein voor mij … “een goed thuis (voor iedereen)”