Naar hoofdinhoud
Aan de unitmanagers wordt in ondermandaat opgedragen de bevoegdheid tot: Het verrichten van alle rechtshandelingen en feitelijke handelingen die noodzakelijk zijn ter uitvoering van de taken waarmee de unit is belast, daaronder in ieder geval begrepen het voorbereiden, het nemen en het doen uitvoeren van besluiten als bedoeld in artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht. Het afdoen en ondertekenen van correspondentie, niet zijnde een besluit als bedoeld in artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht, waarbij sprake is van: Een ontwerpbesluit in het kader van vergunningverlening, ontheffingverlening of het afgeven van enig andere beschikking, alsmede het advies daartoe indien het gemeentelijke bestuursorgaan de vergunning, ontheffing of enig andere beschikking zelf verleent. Het vragen van advies op basis van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, voorzover het advies niet wordt gevraagd aan het RIEC. Het beoordelen van een PRTR-verslag als bedoeld in paragraaf 5.3.1 van het Besluit activiteiten leefomgeving. Een vooraankondiging of hoorbrief voorafgaand aan het opleggen van een bestuurlijke sanctie, de brief met de mededeling dat wordt afgezien van bestuursrechtelijke handhaving nadat eerst een hoorbrief of vooraankondiging was verzonden, het voornemen een gedoogbeschikking af te geven of een hoorbrief voorafgaand aan het weigeren van een aanvraag. Het toepassen van artikel 8:51b van de Awb inzake het doen van een mededeling of het bestuursorgaan gebruik maakt van de gelegenheid een gebrek te herstellen of te laten herstellen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel