Naar hoofdinhoud
1.. In algemene graven kan worden begraven voor een termijn van 10 jaren. Deze termijn kan niet worden verlengd. Een stoffelijk overschot kan echter na afloop van de termijn in een nieuw huurgraf volgens de bepalingen van deze verordening worden herbegraven. 2.. Het bestuursorgaan verleent, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaats dat toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijk in te dienen aanvraag, voor de tijd van tien, vijftien, twintig, vijfentwintig of dertig jaar recht op een particulier graf. De termijn begint te lopen op de datum waarop het particulier graf is uitgegeven. 3.. Het in het tweede lid van dit artikel bedoelde recht wordt op aanvraag van de rechthebbende verlengd telkens met een termijn van vijf, tien, vijftien of twintig jaar, mits een zodanig verzoek vóór het verstrijken van de lopende termijn, doch niet eerder dan twee jaar voor het verstrijken van die termijn wordt ingediend. 4.. Urnengraven en urnennissen worden uitgegeven voor een termijn van 10 jaren. Deze termijn wordt op verzoek van de rechthebbende, en in geval van een urnennis, de gebruiker, verlengd telkens voor een periode van 5 jaar of een veelvoud daarvan, mits een zodanig verzoek vóór het verstrijken van de termijn is gedaan, doch niet eerder dan twee jaar voor het verstrijken van die termijn. 5.. In een graf voor een sterrenkindje kan worden begraven voor een termijn van 10 jaren. Deze termijn kan niet worden verlengd. Er is geen mogelijkheid tot herbegraven. Een graf voor een sterrenkindje kan na de termijn van 10 jaren opnieuw worden gebruikt voor het begraven van een sterrenkindje.

Rechtspraak bij dit artikel