Het theoretisch functioneren van de gemeentelijke systemen wordt regelmatig getoetst. In dit kader wordt een Systeemoverzicht stedelijk water (SSW, voorheen Basisrioleringsplan of BRP) opgesteld en worden optimalisatiestudies afvalwatersystemen (OAS-studies) verricht. Deze studies geven inzicht in het huidige functioneren van de systemen, en geven aan welke maatregelen er moeten worden genomen om de gewenste prestaties met het systeem te bereiken. In toenemende mate worden de modelberekeningen (theorie) aangevuld met de analyse van metingen aan het praktijk functioneren.
Theoretisch functioneren
Uit de berekeningen met de rioleringsmodellen blijkt, dat er op diverse locaties water-op-straat wordt berekend bij de toetsbui. De verwachting was dat dit niet het geval zou zijn, na de maatregelen die de gemeente in de afgelopen tien jaar aan het rioleringssysteem heeft uitgevoerd. De oorzaak zit in de zetting van de bodem.
Op sommige locaties is het maaiveldniveau met ongeveer 10 cm gezakt ten opzichte van gegevens over maaiveldniveau die zijn toegepast in de BRP’s rond 2010. Hierdoor kan er minder opstuwing in de riolering plaatsvinden, voordat het water op straat komt te staan.
Praktijk functioneren
Om inzicht te krijgen in het praktijk functioneren van de gemeentelijke voorzieningen en om niet afhankelijk te zijn van alleen theoretische modellen meet de gemeente op strategische locaties in het systeem. Tabel 2 2 geeft een beeld van het gemeentelijke (riolering)meetnet. Onderscheidt is gemaakt tussen gemeentelijke en hoogheemraadschap meetpunten.
Tabel 2 2 Overzicht meetvoorzieningen
Type meetpunt
Meetgegevens
Beheerder
Aantal
Randvoorzieningen
Niveaumeting rioolzijde + bassin
Gemeente
3
Overstorten
Frequentie en duur
Gemeente
8
Gemalen
Niveaumeting
Gemeente
38
Peilbuizen
Niveaumeting
Gemeente
23
Eindgemalen gemeente
Niveau en –debiet
Gemeente
2
Eindgemalen HHD
Niveau en –debiet
Hoogheemraadschap
2
Zuiveringen
Niveau en –debiet
Hoogheemraadschap
2
Neerslagmeter
Neerslag
Gemeente
4
De meetvoorzieningen zijn gerealiseerd in 2013 en dekken de volledige drie kernen. De verzamelde meetdata die vanuit het meetnet beschikbaar komt wordt gevalideerd, en wordt gebruikt voor analyse en vergelijking met het theoretische functioneren van de riolering.
Daarnaast komen via het systeem ‘Melddesk’ van de gemeente diverse meldingen binnen over de riolering. Deze meldingen worden periodiek geanalyseerd. Hierbij valt op dat het aantal meldingen in de categorie ‘Gemaal-storingen’ de afgelopen paar jaar hoger is geweest dan daarvoor. De stijging heeft te maken met meer doekjes en vuil in de pompen tijdens de coronapandemie in Nederland.
Verder is er een stijging van het aantal meldingen over water-op-straat bij hevigere regenbuien, waarschijnlijk veroorzaakt door de klimaatverandering. Ondanks de landelijke stijging van grondwaterproblemen, is er geen stijging te zien van meldingen in deze categorie.
Effect van vuilemissie op de ontvangende wateren
In de sloot langs de Zouteveenseweg in Schipluiden was een knelpunt bekent met betrekking tot slechte waterkwaliteit in relatie tot een veedrenkingsplaats dicht bij de overstort van de randvoorziening. Samen met het Hoogheemraadschap heeft de gemeente maatregelen getroffen in het oppervlaktewater om het knelpunt op te lossen. Verder zijn er geen knelpunten als gevolg van emissies vanuit de gemeentelijke riolering bekend.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.3
Artikel 2.3.1
Rioolsysteem
Onderdeel van Water en Rioleringsprogramma 2024-2030