1. Een aanvraag om een bijdrage als bedoeld in artikel 2 dient te worden ingediend bij burgemeester en wethouders.
2. Indien een aanvrager/eigenaar niet tevens gebruiker is van de grond, waarop de boom zich bevindt, dient de aanvraag om een bijdrage mede te zijn ondertekend door de gebruiker.
3. Indien een aanvrager/gebruiker niet tevens eigenaar is van de grond, waarop de boom zich bevindt, dient de aanvraag mede te zijn ondertekend door de eigenaar.
4. Indien een aanvrager/eigenaar ophoudt eigenaar te zijn of onbevoegd wordt over de boom te beschikken, vervalt het recht op een bijdrage.
5. Ingeval de eigendom van de boom gedeeltelijk overgaat of de boom gedeeltelijk teniet gaat, bepaalt het college van burgemeester en wethouders of en in hoeverre verdere verlening van de bijdrage plaatsvindt.