In deze verordening wordt verstaan onder:
perceel:
een roerende of onroerende zaak of een zelfstandig gedeelte daarvan;
woning:
de kleinste binnen één of meer panden gelegen en voor woondoeleinden bestemd (gebruiksdoel is woonfunctie) verblijfsobject, ontsloten via een eigen toegang vanaf de openbare weg, een erf of een gedeelde verkeersruimte;
niet woning:
niet-woningen zijn panden die niet of slechts voor een deel voor woondoeleinden worden gebruikt. Denk aan kantoren, winkels en bedrijfspanden, maar ook aan industrie, energiecentrales, agrarische objecten, ziekenhuizen, scholen en hotels;
gebruiker:
degene die krachtens zakelijk of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel;
rechthebbende:
de eigenaar of zakelijk gerechtigde van een perceel, dan wel diens rechtverkrijgende onder algemene of bijzondere titel;
huishoudelijk afvalwater:
afvalwater dat overwegend afkomstig is van menselijke stofwisseling en huishoudelijke werkzaamheden.
bedrijfsafvalwater:
is alle afvalwater dat niet voldoet aan de definitie van huishoudelijk afvalwater. Als huishoudelijk en bedrijfsafvalwater samen geloosd worden, wordt het gezien als bedrijfsafvalwater.
bronneringswater:
water aan de grond onttrokken voor tijdelijke verlaging van de grondwaterstand;
hemelwater:
van neerslag afkomstig water;
drainagewater:
grondwater, ingezameld door een ingegraven doorlatend buizenstelsel;
openbaar riool:
buizenstelsel bij de gemeente in eigendom en beheer voor inzameling en transport van afvalwater, hemelwater en drainagewater, met inbegrip van de daartoe behorende rioolgemalen, persleidingen en werken en installaties van overeenkomstige aard, met uitzondering van de aansluitleidingen;
gemengd stelsel:
openbaar riool voor de afvoer van afvalwater en hemelwater;
gescheiden stelsel:
rioolstelsel waarbij het hemelwater, al dan niet door het openbaar riool, gescheiden van het buizenstelsel voor de afvoer van afvalwater wordt afgevoerd;
aansluitleiding:
de buisleiding voor de afvoer van water tussen het openbaar riool en de perceelafvoerleiding;
perceelafvoerleiding:
binnen de grenzen van een particulier perceel gelegen buisleidingenstelsel voor de afvoer van (huishoudelijk) afvalwater of hemelwater;
lozingstoestel:
toestel waardoor afvalwater wordt afgevoerd naar de perceelafvoerleiding, zoals een put, wasbak of toiletpot;