Grondpolitiek heeft zijn weerslag op de organisatie en financiële positie van de gemeente. Ruimtelijke vastgoedontwikkelingen vragen over het algemeen veel financiële middelen en kennen in sommige gevallen aanzienlijke risico’s. Om de risico’s te kunnen beheersen is goed financieel beheer door de organisatie noodzakelijk. Hiertoe behoort naast het naleven van de regels uit het Besluit begroting en verantwoording gemeenten en provincies, de notitie Grondbeleid in begroting en jaarstukken (2019) van de Commissie BBV en de Financiële Verordening Kaag en Braassem ook een actueel gemeentelijk beleidskader.
De organisatie, monitoring en financiële sturing van grondcomplexen is op hoofdlijnen als volgt ingevuld:
De afdeling ontwikkeling is belast met het financieel beheer van de grondcomplexen. De adviseur grondzaken verzorgt een actueel grondbeleid, het financiële beheer is ondergebracht bij de planeconoom. Aan de afdeling is een financieel adviseur van de afdeling Bedrijfsvoering gekoppeld die zorgdraagt voor de koppeling naar de gemeentelijke administratie en de begrotingsstukken.
Vanuit de behoefte aan projectbeheersing wordt “Projectmatig Werken” toegepast.
Dekking kosten projectfasen: initiatieven komen ten laste van het afdelingsbudget, voor de definitie(/PvE)fase wordt een voorbereidingskrediet vastgesteld, de kosten met betrekking tot ontwerp- en uitvoeringsfase komen ten laste van een uitvoeringskrediet of een vastgestelde grondexploitatie.
Vanuit de behoefte om ontwikkelingen binnen de grondexploitaties op een goede manier in de meerjarenbegroting te vertalen wordt een MeerjarenPerspectiefGrondexploitaties (MPG) opgesteld.
Hoofdstuk 6.
Artikel 6.1
Financieel beheer grondcomplexen
Onderdeel van Nota Grondbeleid 2024 – 2027