Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 9

Artikel 46.

Aanvullende criteria Vervoersvoorzieningen

Onderdeel van Verordening Wmo 2015 en Jeugdhulp gemeente Uitgeest 2023

1.. Voor verstrekking van de individuele vervoersvoorziening gelden de volgende criteria: de Belanghebbende is in staat op een verantwoorde en zelfstandige wijze aan het verkeer deel te nemen; én de Belanghebbende heeft een frequente verplaatsingsbehoefte van minimaal 2 à 3 keer per week voor dagelijks levensonderhoud en het aangaan of onderhouden van sociale contacten in de directe woonomgeving; én er is geen andere aanvullende vervoersvoorziening is verstrekt met hetzelfde gebruiksdoel; én de woonomgeving is geschikt voor gebruik van de vervoersvoorziening; én hij uit Eigen kracht op de vervoersvoorziening kan gaan zitten en afstappen; én hij zelfstandig in staat is het vervoermiddel te stallen. 2.. Bij de te verstrekken vervoersvoorziening wordt rekening gehouden met lokale verplaatsingen in de directe woon- en leefomgeving van een maximum van tweeduizend (2000) kilometer per jaar. 3.. Het College kent geen vervoersvoorzieningen toe als de Belanghebbende met of zonder loophulpmiddel redelijkerwijs in staat is het openbaar vervoer te bereiken en te gebruiken. 4.. Het College kent geen vervoersvoorzieningen toe als deze is bedoeld is voor het verplaatsen van de reeds toegekende vervoersvoorzieningen. 5.. Indien de Belanghebbende langer dan 3 maanden geen gebruik maakt van de vervoersvoorzieningen kan het College de toegekende Maatwerkvoorziening intrekken of beëindigen zoals bedoeld in artikel 2.3.10, eerste lid, sub e, van de Wmo 2015.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel