Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1

Artikel 1:6

Begrippen met betrekking tot begraafplaatsen

Onderdeel van Verordening Fysieke Leefomgeving 2024

In hoofdstuk 6 van deze verordening wordt verstaan onder: algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken; asbus: een bus ter berging van as van een overledene; begraafplaats: begraafplaats De Wissel; begraafplaatsgebruiker: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een recht tot gebruik van een ruimte in een particulier graf, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden; beheerder: de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaats of degene die hem vervangt; foetus: een menselijke vrucht die na een zwangerschapsduur van minder dan 24 weken levenloos ter wereld is gekomen; foetusveld: het deel van de begraafplaats waar de gelegenheid wordt geboden tot het (doen) begraven van foetussen; graf: een zandgraf of keldergraf; grafbedekking: gedenkteken of grafbeplanting op een graf; grafkelder: een betonnen constructie waarin een of meerdere lijken worden begraven of asbussen worden bijgezet; particulier graf: een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon uitsluitend het recht is verleend tot: het doen begraven en begraven houden van lijken; het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; particuliere urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; rechthebbende van een graf: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie uitsluitend recht is verleend op een particulier graf, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden; urn: een voorwerp ter berging van een asbus.

Rechtspraak bij dit artikel