Het is verboden om zonder vergunning voor wijziging(en) in de samenstelling van de woonruimtevoorraad (hierna: vergunning) een woonruimte zoals aangewezen in artikel 2:
anders dan ten behoeve van:
de bewoning of
het eigen gebruik als kantoor- of praktijkruimte
door de eigenaar geheel of gedeeltelijk aan de bestemming tot permanente bewoning te onttrekken;
van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte om te zetten;
anders dan ten behoeve van:
de bewoning of
het eigen gebruik als kantoor- of praktijkruimte
door de eigenaar geheel of gedeeltelijk met andere woonruimte samen te voegen;
te verbouwen tot twee of meer woonruimten, waaronder ook begrepen de splitsing in appartementsrechten als bedoeld in artikel 5:106, eerste en vierde lid, van het Burgerlijk Wetboek;
In afwijking van het bepaalde in lid 1 geldt geen vergunningplicht voor de huisvesting van één persoon in maximaal één onzelfstandige woonruimte per zelfstandige woonruimte.
Het college is met het oog op het behoud of de samenstelling van de woonruimtevoorraad en/of met het oog op een geordend woon- en leefmilieu bevoegd bij aanwijzingsbesluit een gebied, wijk of straat aan te wijzen, waar het vergroten van het aantal onzelfstandige woonruimten ongewenst is.
Het college is met het oog op het behoud of de samenstelling van de woonruimtevoorraad en/of met het oog op een geordend woon- en leefmilieu bevoegd bij aanwijzingsbesluit voor een gebied, wijk of straat een quotum of percentage vast te stellen voor het aantal te verlenen vergunningen per kalenderjaar. In dat geval wordt ook voorzien in een transparante verdeelprocedure.
HOOFDSTUK 2
Artikel 3
Vergunningplicht wijziging woonruimtevoorraad
Onderdeel van Huisvestingsverordening Vlissingen 2023