Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 3

Aanleiding voor adresonderzoek zonder inschrijving BRP

Onderdeel van Beleidsregels adresonderzoek BRP

1.. Het College heeft de mogelijkheid om een adres te onderzoeken alvorens een persoon wordt ingeschreven in de BRP of verhuist binnen Nederland. Dit wordt gedaan aan de hand van risicosignalen. Zie bijlage 1 Beschrijving risicosignalen; 2.. De volgende risicosignalen worden toegepast: In geval van doorgangsadressen In geval van schijnbewoning/VOW-adres In geval van overbewoning (oppervlakte per persoon 16 m2 of minder) Bij veelverhuizers In geval van schijnverlating Briefadressen (reden anders dan vermeld in artikel 2.40 Wet BRP) Bij hervestiging vanuit VOW Samenwoners 3.. De risicosignalen worden ook toegepast door het LAA. De adressen worden in verzamelbestanden aangeleverd aan de gemeente met de wettelijke verplichting tot onderzoek; 4.. De toezichthouder BRP mag zowel bij actuele in de BRP geregistreerde adressen, vermoedelijke nieuwe adressen of bij adressen zoals aangegeven bij de aangifte verhuizing (waar men nog niet ingeschreven staat in de BRP) onderzoek uitvoeren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel