In beginsel volgt bij een eerste constatering van hinderlijk gedrag of een licht bijtincident een schriftelijke waarschuwing tot het opleggen van een aanlijn- en muilkorfgebod. Tegen een waarschuwingsbrief staat geen bezwaar en beroep open. Dit omdat een waarschuwing geen besluit is in de zin van artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht. Wanneer er sprake is van een ernstig of zeer ernstig bijtincident zal in beginsel, gezien de ernst van de overtreding, geen waarschuwing worden opgelegd.