Nationaal Rapporteur
De Nationaal Rapporteur onderzoekt de aard en omvang van mensenhandel. Daarnaast onderzoekt hij of de aanpak van mensenhandel in Nederland goed werkt. Ieder jaar publiceert de rapporteur de resultaten van het onderzoek in de Slachtoffermonitor en één keer per twee jaar in de Dadermonitor. Volgens de rapporteur zijn er in Nederland jaarlijks naar schatting:
tussen de 5.000 en 7.500 slachtoffers van mensenhandel;
ongeveer 1.400 slachtoffers van arbeidsuitbuiting of criminele uitbuiting;
ongeveer 1.300 minderjarige slachtoffers van binnenlandse seksuele uitbuiting;
worden gemiddeld 120-130 daders door de rechter in eerste aanleg veroordeeld voor mensenhandel;
is de gemiddelde duur bij een veroordeling voor mensenhandel 1 jaar en 10 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf.
In de laatste Slachtoffermonitor4Onderzoek mensenhandel van de Nationaal Rapporteur (2016-2020) van de Nationaal Rapporteur komen een aantal ontwikkelingen naar voren. Uit dit onderzoek blijkt dat 50% van de slachtoffers van mensenhandel binnen zeven jaar opnieuw slachtoffer van een misdrijf wordt. Hierbij kan het ook weer gaan om uitbuiting, maar ook om mishandeling, bedreiging en/of seksueel geweld. De achtergronden van slachtoffers van uitbuiting zijn heel divers en hun problematiek is vaak complex. Vooral minderjarige slachtoffers blijken risico te lopen opnieuw slachtoffer van een misdrijf te worden. Mensenhandel en andere vormen van ondermijnende criminaliteit blijken onderling verweven met elkaar. Het gegeven dat slachtoffers van mensenhandel langdurig ontwrichtende gevolgen kunnen ervaren, maken van uitbuiting een groot maatschappelijk probleem. Het is de verantwoordelijkheid van de overheid om te zorgen voor actieve preventie, bescherming en de juiste hulpverlening.
CoMensha
CoMensha is het landelijke, onafhankelijke expertise- en coördinatiecentrum dat zich inzet voor de belangen en rechten van slachtoffers van mensenhandel in Nederland. CoMensha geeft onder andere inzicht in aard en omvang van mensenhandel door registratie van (mogelijke) slachtoffers. CoMensha registreert de (mogelijke) slachtoffers die in contact zijn gekomen met de politie, de NLA, de Koninklijke Marechaussee (KMar), met hulporganisaties/ zorgcoördinatoren of met andere instanties. Om slachtofferschap van mensenhandel in Nederland te monitoren maakt de Nationaal Rapporteur gebruik van de registratie van meldingen bij CoMensha. Op deze manier kan in kaart gebracht worden wat de aard en omvang is van de vermoedelijke slachtoffers van mensenhandel die in Nederland in beeld zijn. In 2021 werden landelijk 846 slachtoffers aangemeld bij CoMensha.
Politie
Voor de landelijke politiecijfers zijn de cijfers gebruikt van meldingen van uitbuiting bij diverse (landelijke) ketenpartners5Zoals RIEC Oost-Nederland, CoMensha en Fairwork. In de tabel hierna staat vermeld hoeveel minder- en meerderjarige, Nederlandse en niet-Nederlandse slachtoffers de ketenpartners aangemeld hebben gekregen. Aangezien een slachtoffer met meerdere sectoren van uitbuiting te maken kan hebben gehad, kan een slachtoffer op meerdere plekken in de tabel voorkomen. Het totale cijfer is derhalve hoger dan het aantal unieke slachtoffers. Daarnaast registreren de KMar en de NLA hun zaken anders, waardoor hun cijfers niet in de tabel zijn meegenomen. Ook daardoor pakken de cijfers lager uit.
Specifiek meldingen mensenhandel6https://www.data.politie.nl; meldcode 1.6.3 ‘mensenhandel’ (data.politie.nl is het dataportaal van de politie en bevat cijfers over geregistreerde criminaliteit (waaronder mensenhandel)
2018
2019
2020
2021
2022
Mensenhandel
609
965
563
566
635
Voor het aantal meldingen hebben we de landelijke cijfers als basis gebruikt. Het blijft een schatting. Het aantal meldingen in beeld is vermoedelijk het topje van de ijsberg, we hebben namelijk onvoldoende zicht op de omvang van de problematiek. Het aantal gemelde slachtoffers kan jaarlijks ook sterk verschillen door verschillende factoren. Zo zorgde de coronacrisis voor een sterke daling in het aantal meldingen vanaf maart 2020. Het is lastig om op basis van registraties conclusies te verbinden aan de feitelijke omvang van mensenhandel, ook omdat mensenhandel een haaldelict is. Er zijn veel meer slachtoffers dan er meldingen zijn. Veel slachtoffers kunnen of durven zelf geen aangifte te doen (of zij zien zichzelf (nog) niet als slachtoffer). Een aanzienlijk deel van de zaken van mensenhandel komt niet aan het licht en wordt daardoor ook niet geregistreerd. De verhouding tussen het aantal slachtoffers in beeld en het aantal slachtoffers uit beeld verschilt bovendien per vorm van mensenhandel. Het is belangrijk dat er, ondanks de afwezigheid van hoge cijfers, wordt ingezet op de preventieve en repressieve aanpak van mensenhandel. Een gelegenheidsstructuur voor mensenhandel moet worden tegengegaan. Alertheid op signalen van de verschillende vormen van mensenhandel is daarom erg belangrijk. Met de huidige stroom vluchtelingen en met de krapte op de arbeidsmarkt wordt de kans op mensenhandel alleen maar groter. Daarnaast zijn er veel signalen van mensenhandel vanuit de nabijgelegen centrumgemeente Arnhem. Deze gemeente stond in 2021 in de landelijke top 4 waar de meeste signalen van mensenhandel zijn. Om een waterbedeffect te voorkomen is een adequate aanpak van mensenhandel vanuit naastgelegen gemeenten heel belangrijk.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.1
Landelijke cijfers
Onderdeel van Beleidsplan aanpak mensenhandel gemeente Doesburg