**3.1.** De Directeur betrekt bij de uitoefening van de aan hem opgedragen bevoegdheden de relevante door de Gemeenteraad vastgestelde kaders en verordeningen alsmede de door het college van burgemeester en wethouders vastgestelde algemeen verbindende voorschriften en beleidsregels.
**3.2.** Het college van burgemeester en wethouders zorgt ervoor dat de Directeur over alle benodigde informatie noodzakelijk voor de uitoefening van het in het eerste lid bepaalde kan beschikken.
**3.3.** Bij voorgenomen nieuw beleid of beleidswijzigingen van de aan de Directeur opgedragen bevoegdheden vindt afstemming plaats door het college van burgemeester en wethouders met de Directeur.
Artikel 3
Uitoefening bevoegdheden
Onderdeel van Mandaatbesluit van burgemeester en wethouders van Koggenland aan de directeur van de omgevingsdienst Noord-Holland Noord