In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
Harddrugs: een middel als bedoeld in lijst I behorende bij de Opiumwet.
Softdrugs: een middels als bedoeld in lijst II behorende bij de Opiumwet.
Drugshandel: de verkoop, aflevering of verstrekking dan wel het daartoe aanwezig zijn van een middel als bedoeld in lijst I of II bij dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid, van de Opiumwet.
Handelshoeveelheid: Bij het bepalen van het feit of sprake is van een handelshoeveelheid aangetroffen verdovende middelen sluit deze beleidsregel aan bij het vervolgingsbeleid van het Openbaar Ministerie. Van een handelshoeveelheid is sprake in de volgende gevallen:
Harddrugs: meer dan 0,5 gram en/of meer dan 2 pillen en/of een consumptie-eenheid van 5 ml GHB;
Softdrugs: meer dan 5 gram;
Hennepplanten: meer dan 5 planten, en
Qat: meer dan 1 bundel (ca. 200 gram)
(bij lachgas is behoudens evidente gevallen nog niet bekend waar de grens wordt getrokken om van een handelshoeveelheid te kunnen spreken. In de toelichting op het Lachgasbesluit wordt een norm voor legaal thuisgebruik – zoals door hobbykoks – aangehouden van maximaal 10 ampullen).
Voorbereidingshandelingen: het voorhanden zijn van een voorwerp of stof als bedoeld in artikel 10a, eerste lid, onder 3°, of artikel 11a, van de Opiumwet.
Betrokkene: de overtreder, de eigenaar van het pand, de (hoofd)bewoner(s) of degene die anderszins als rechthebbende op de zaak waarop de last betrekking heeft kan worden aangemerkt (zie ook artikel 5:24, derde lid, van de Awb).
lokaal: een voor het publiek toegankelijk pand met bijbehorend erf, zoals een winkel, bedrijfsmatig garage- of horecabedrijf, dan wel een niet voor publiek toegankelijk pand met bijbehorend erf, zoals een loods, magazijn of andere bedrijfsruimte. Ook kunnen bijvoorbeeld een hotelkamer, andere recreatieverblijven en een kantoor onder het begrip lokaal vallen, voor zover zij geen ‘woning’ zijn;
woning (bewoond): een voor bewoning gebruikte ruimte. Een woning is te karakteriseren als een van de buitenwereld afgesloten plaats waar iemand - eventueel in een gemeenschappelijke huishouding met andere personen - zijn privaat huiselijk leven leidt of pleegt te leiden. Of een ruimte een woning is, wordt niet alleen bepaald door uiterlijke kenmerken, zoals de bouw en de aanwezigheid van een bed en andere huisraad, maar ook door de daaraan werkelijk gegeven bestemming. Of ergens gewoond wordt kan onder meer blijken uit de inschrijving in de Basisregistratie personen (BRP), de inrichting van de ruimte/het pand en het feitelijke gebruik dat van de ruimte wordt gemaakt. Het begrip woning omvat in ieder geval: woningen, woonwagens, woonschepen en bijbehorende erven.
Hoofdstuk II.
Artikel 1.
Definities
Onderdeel van Beleidsregels van de burgemeester van de gemeente Voorne aan Zee houdende regels omtrent drugs 2023 (Damoclesbeleid)