**1..** Het bestuursorgaan past de Wet Bibob toe op de volgende beschikkingen:
Alcoholwetvergunningen, bedoeld in het huidige artikel 3 van de Alcoholwet;
Exploitatievergunningen, bedoeld in artikel 2:31 van de APV;
Exploitatievergunningen seksbedrijf, bedoeld in artikel 3:3 van de APV.
**2..** Een Bibob-toets zal worden gedaan, indien:
sprake is van een nieuwe vergunningaanvraag;
sprake is van het bijschrijven van een leidinggevende;
sprake is van het bijschrijven van een beheerder.
**3..** In afwijking van het bepaalde in de vorige leden past het bestuursorgaan de Wet Bibob niet toe bij de voorbereiding van beslissingen op:
aanvragen om een Alcoholwetvergunning voor een slijtersbedrijf;
aanvragen voor een nieuwe vergunning in verband met wijzigingen van ondergeschikte aard.
**4..** In afwijking van het bepaalde in het tweede lid kan het bestuursorgaan ten aanzien van paracommerciële rechtspersonen, bedoeld in het huidige artikel 4 van de Alcoholwet, een Bibob-toets achterwege laten, tenzij informatie aanleiding geeft tot het doen van een Bibob-toets, welke is verkregen van de (eigen) ambtelijke organisatie, één van de partners uit het samenwerkingsverband van het RIEC, het Bureau, openbare bronnen, of indien het bestuursorgaan op grond van artikel 26 Wet Bibob is gewezen op de mogelijkheid om eigen onderzoek te doen en eventueel daarna het Bureau om een advies te vragen..
Hoofdstuk 2
Artikel 7
Horecaondernemingen en seksbedrijven
Onderdeel van Beleidsregels Wet Bibob 2024