Beschermd wonen is een taak die bij centrumgemeenten is ondergebracht. Op grond van de Wmo 2015 is de gemeente Nijmegen als centrumgemeente verantwoordelijk voor het bieden van beschermd wonen ggz in de regio Rijk van Nijmegen en Rivierenland. De gemeente Nijmegen koopt beschermd wonen in en draagt zorg voor de toegang voor de inwoners van de regiogemeenten. Hierbij is het uitgangspunt dat alle samenwerkende gemeenten, dus niet alleen de centrumgemeente, de verantwoordelijkheid dragen en met elkaar samenwerken.
Voor (tijdelijk) beschermd wonen lvb 18+ zijn de individuele gemeenten verantwoordelijk.
3.2.1 Landelijke toegankelijkheid
In de wet is bepaald dat voor beschermd wonen en voor maatschappelijke opvang geldt dat mensen zich in alle gemeenten in Nederland kunnen melden als zij aanspraak willen maken op beschermd wonen of maatschappelijke opvang. Dit houdt in dat (potentiële) cliënten zich tot elke gemeente kunnen wenden voor beschermd wonen. Zij moeten daarbij de mogelijkheid krijgen om hun eigen woonplaats te kiezen De centrumgemeente van aanmelding behandelt de aanmelding conform de handreiking “Landelijke toegang beschermd wonen”. Deze handreiking bevat model-beleidsregels die de centrumgemeenten dienen te hanteren bij het bepalen van de plaats waar een cliënt het meest aangewezen is op beschermd wonen. Landelijke toegankelijkheid betekent niet dat iemand ook altijd beschermd kan wonen waar hij wil wonen. Dat kan om te beginnen alleen als en waar een passende plek beschikbaar is. Ook is het niet de bedoeling dat verhuizen naar beschermd wonen niet noodzakelijk is, bijvoorbeeld wanneer een cliënt vanwege een sterk sociaal steunsysteem (nog) zelfstandig kan wonen met ondersteuning.
Centrumgemeenten nemen kennis van de wens van een bewoner en beoordelen vervolgens op basis van zorginhoudelijke en participatiecriteria waar de aanvrager voor de korte en langere termijn de beste ondersteuning kan vinden. Idealiter komt de gemeente aan de keuze van de cliënt voor een plaats/instelling tegemoet. Het is echter de beoordelende gemeente die de eindverantwoordelijkheid draagt en een besluit neemt op basis van onderstaande punten, genoemde zorginhoudelijke en participatiecriteria (criteria die betrekking hebben op de voorwaarden voor een succesvol traject).
Wat is de beste omgeving waarin aan participatie gewerkt kan worden? Hierbij is de aanwezigheid van een positief sociaal netwerk (familie en vrienden) van belang om:
beschermd wonen te voorkomen (inzet van andere beschermende woonvormen);
uitstroom naar vormen van zelfstandig wonen te bevorderen.
Voorwaarden voor succesvolle trajecten, zoals:
(reeds ingezette) actieve schuldhulpverlening;
een bestaande relatie met ggz of andere vormen van hulpverlening;
reeds ingezette scholing, (vrijwilligers)werk, of andere passende dagbesteding;
eventueel aanwezige (veiligheids)risico’s op de huidige woonplek;
de behoefte aan een specifieke aanpak of voorziening.
Gegronde redenen om tegemoet te komen aan de wens van een cliënt, anders dan de hierboven genoemde voorwaarden.
Wachtlijst: indien niet direct toegang is tot de geschikte plek, komt de aanvrager op een wachtlijst.
De wenscentrumgemeente, waar de persoon zich meldt voor een beschermde woonvoorziening, overlegt met de centrumgemeente van herkomst, om een goed beeld van de cliënt te krijgen en zo tot een passend besluit te komen. Dit contact vindt plaats vanuit de ‘toegang’. Het onderzoek naar de beste plaatsing wordt binnen zes weken afgerond.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.2
Centrumgemeente Nijmegen
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Nijmegen 2024