Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 1.1

Definities

Onderdeel van Verordening Fysieke Leefomgeving gemeente Duiven

In deze verordening wordt verstaan onder: Archeologisch monument: zie het begrip monument onder (2); archeologisch onderzoek: in schriftelijke rapportage vastgelegd veldonderzoek naar de materiële neerslag van menselijke aanwezigheid en menselijk handelen in het verleden; APV: Algemeen plaatselijke verordening Duiven 2019 of diens rechtsopvolger; bebouwde kom: het gebied binnen de grenzen die zijn vastgesteld op grond van artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994; beperkingengebiedactiviteit: zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Omgevingswet; beschermd gemeentelijk cultuurgoed: roerende zaak die deel uitmaakt van het gemeentelijk cultureel erfgoed en als zodanig is aangewezen op grond van artikel 5:3, lid 1 van deze verordening; beschermde gemeentelijke verzameling: verzameling cultuurgoederen die uit cultuurhistorisch of wetenschappelijk oogpunt bij elkaar horen en die zijn aangewezen op grond van artikel 5:3, lid 2 van deze verordening; beschermd stads- en dorpsgezicht: een groep van onroerende zaken die van algemeen belang zijn wegens hun schoonheid, hun onderlinge ruimtelijke of structurele samenhang dan wel hun wetenschappelijke en/of cultuurhistorische waarde, waarin zich al dan niet één of meer monumenten bevinden en welke groep ingevolge deze verordening is opgenomen in het gemeentelijke erfgoedregister; bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ten aanzien van een al verleende omgevingsvergunning; bouwwerk: zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Omgevingswet; bouwactiviteit: zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Omgevingswet; bromfiets: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid onder e, van de Wegenverkeerswet 1994; collectieve festiviteit: festiviteit die niet specifiek aan één of een klein aantal inrichtingen is verbonden; college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Duiven; cultuurgoed: roerende zaken die deel uitmaken van cultureel erfgoed. Een verzameling cultuurgoederen bestaat uit objecten die vanuit cultuurhistorisch of wetenschappelijk oogpunt bij elkaar horen; cultuurhistorisch onderzoek: een onderzoek resulterend in een schriftelijke rapportage naar de architectuurhistorische, bouwhistorische, interieurhistorische, kleurhistorische, tuin- of landschapshistorische, historisch-stedenbouwkundige, wetenschappelijke en/of cultuurhistorische ontwikkeling en waarde van een beschermd rijks- of gemeentelijk monument of groepen van onroerende zaken en/of terreinen; eigenaren: degenen die in de openbare registers als eigenaren en zakelijk gerechtigden van een onroerend monument zijn ingeschreven; erfgoedcommissie: de door het college ingestelde commissie als bedoeld in artikel 5:2; De erfgoedcommissie maakt als sub-commissie onderdeel uit van de ‘gemeentelijke adviescommissie’, die op grond van art. 17.9 Omgevingswet is ingesteld; gemeentelijk erfgoedregister: de lijst waarop zijn geregistreerd de overeenkomstig deze verordening als beschermd gemeentelijk monument of beschermd gemeentelijk archeologisch monument aangewezen zaken; gemeentelijk monument: monument of archeologisch monument, dat is ingeschreven in het gemeentelijk erfgoedregister; gevoelige gebouwen: woningen en gebouwen die op grond van het Besluit kwaliteit leefomgeving worden aangemerkt als andere geluidsgevoelige gebouwen, met uitzondering van die gebouwen behorende bij de betreffende inrichting; gevoelige terreinen: terreinen die op grond van het Besluit kwaliteit leefomgeving worden aangemerkt als geluidsgevoelige terreinen, met uitzondering van die terreinen behorende bij de betreffende inrichting; handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen; houder van een inrichting: degene die als eigenaar, bedrijfsleider, beheerder of anderszins een inrichting drijft; houtopstand: zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Omgevingswet; hakhout: een of meer bomen die na te zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen; incidentele festiviteit: festiviteit of activiteit die gebonden is aan één of een klein aantal inrichtingen; inrichting: locatie waar de bedrijfsactiviteiten plaatsvinden; kampeermiddel: een niet-grondgebonden onderkomen of voertuig, dat bestemd of opgericht is dan wel gebruikt wordt of kan worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf; kerkelijk monument: onroerend monument, dat eigendom is van een kerkgenootschap, kerkelijke gemeente, parochie of van een kerkelijke instelling en dat uitsluitend of voor een overwegend deel wordt gebruikt voor de uitoefening van de eredienst. Hieronder worden ook begrepen de roerende zaken die kennelijk deel uitmaken van, of behoren tot het onroerende monument en die genoemd worden in de beschrijving als bedoeld in artikel 5:5, tweede lid; milieubelastende activiteit: een activiteit zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Omgevingswet; minister bedoeld in hoofdstuk 5: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap; monument: onroerende zaak die van algemeen belang is wegens zijn schoonheid, zijn betekenis voor de wetenschap, zijn cultuurhistorische waarde of zijn archeologische waarde. terrein dat van algemeen belang is wegens ene daar aanwezige zaak als bedoeld onder 1; motorvoertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; NEN: een door de Stichting Nederlands Normalisatie-Instituut uitgegeven norm; niet-openbare kabels en leidingen: kabels en leidingen (dan wel het netwerk waartoe deze behoren) die niet gebruikt worden om openbare diensten aan te bieden; omgevingsvergunning voor het bouwen: dat wat daaronder wordt verstaan in de Omgevingswet; omgevingsplanactiviteit: zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Omgevingswet; omgevingsvergunning Omgevingswet: omgevingsvergunning als bedoeld in afdeling 5.1 van de Omgevingswet; onversterkte muziek: muziek die niet elektronisch is versterkt; openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn; openbare plaats: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties; parkeren: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; plan van aanpak: plan dat weergeeft hoe een archeologische uitvoerder de vragen zoals omschreven in het programma van eisen denkt te gaan beantwoorden; programma van eisen: programma dat door burgemeester en wethouders wordt vastgesteld en waarmee kaders worden gesteld voor het ontwerp en de uitvoering van archeologisch onderzoek; rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht; selectiecriteria: door de raad vastgestelde criteria te hanteren bij procedures ter aanwijzing van een onroerend monument tot beschermd gemeentelijk monument of een terrein tot beschermd gemeentelijk archeologisch monument; rijksmonument: onroerend monument, dat is ingeschreven in het Rijksmonumentenregister; voertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met uitzondering van kleine wagens zoals kruiwagens, kinderwagens en rolstoelen; Veehouderij: Het uitvoeren van een milieubelastende activiteit als bedoeld in paragraaf 3.6.1 van het Besluit activiteiten leefomgeving; vellen: hieronder wordt mede verstaan het rooien, met inbegrip van verplanten, alsmede het verrichten van handelingen die de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van houtopstand ten gevolge kunnen hebben; weg: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder b van de Wegenverkeerswet met inbegrip van de daarin gelegen kunstwerken en wat verder naar zijn aard daartoe behoort.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel