De voorzitter van de Jeugdbeschermingstafel is bevoegd ten behoeve van een jeugdige die zijn woonplaats heeft binnen de gemeente een individuele voorzieningen te treffen op het gebied van jeugdhulp indien en voor zover het betreft:
voorzieningen inzake preventieve jeugdbescherming; of
voorzieningen inzake preventieve drang.
Dit mandaat wordt verleend voor het treffen van individuele voorzieningen tot maximaal zes maanden preventieve jeugdbescherming of preventieve hulpverlening binnen het drangkader.
De voorzitter van de Jeugdbeschermingstafel is bevoegd bij de raad voor de kinderbescherming een verzoek tot onderzoek te doen over een maatregel met betrekking tot gezag over een minderjarige op grond van artikel 2.4, eerste lid, van de Jeugdwet.
Regionale samenwerking: IZA-SPUK
Hoofdstuk 2.
Artikel 12
Voorzitter Jeugdbeschermingstafel – geen ondermandaat
Onderdeel van Mandatenbesluit Regionaal sociaal domein