Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.1.

Artikel 4.1.1.

Bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan buiten de bebouwde kom mits voldaan wordt aan de volgende eisen:

Onderdeel van Beleidsregels voor het afwijken voor activiteiten welke niet voldoen aan de regels van het tijdelijk deel van het Omgevingsplan

1°. . niet hoger dan 5 m, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf, 2°. . de oppervlakte niet meer dan 150 m². Beleidsregel Afwijken mogelijk, indien: niet of niet volledig kan worden voldaan aan de sloopverplichting zoals opgenomen in artikel 4.4.6, 7.4.3 en 27.4.1 van het bestemmingsplan Buitengebied 2011 of aan de eis dat het perceel minimaal 2.500 m² groot dient te zijn, ten behoeve van de inhoud van de (bedrijfs)woning dan wel de uitbreiding van de oppervlakte van bijgebouwen conform artikel 27.4.2 van het bestemmingsplan Buitengebied 2011, dat deel uitmaakt van het tijdelijk deel van het Omgevingsplan; en wanneer niet of niet volledig aan de sloopverplichting kan worden voldaan als tegenprestatie compensatie plaatsvindt overeenkomstig het Gemeentelijk Kwaliteitsmenu Weert (maakt deel uit van Structuurvisie Weert 2025), tot dat deze wordt ingetrokken of de Compensatieregeling Kwaliteitsverbetering (maakt deel uit van de Omgevingsvisie Weert), nadat deze in werking is getreden; door de bouw van deze extra bebouwing geen onevenredige aantasting van de aangrenzende functies en waarden plaatsvindt; ruimtelijk een betere situatie ontstaat. er sprake is van de vormverandering van het bouwvlak en/of de aanduiding ‘bijgebouwen’. Ad 5. Vormverandering van het bouwvlak of van de aanduiding ‘bijgebouwen’ is in de meeste bestemmingsplannen, deel uitmakend van het tijdelijk deel van het Omgevingsplan, al geregeld, echter niet voor het buitengebied. Hierbij gelden de volgende voorwaarden: het aantal woningen zoals aanwezig of kunnen worden gebouwd op grond van het bestemmingsplan niet toeneemt; de geluidbelasting vanwege het wegverkeer van geluidgevoelige gebouwen niet hoger zal zijn dan de daarvoor geldende voorkeursgrenswaarde, of een verkregen hogere grenswaarde; voldaan wordt aan de Verordening geurhinder en veehouderij; geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: het straat- en bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel