Bij de beoordeling van de noodzaak van een sluiting is de vraag aan de orde of met een minder ingrijpende maatregel kan en moet worden volstaan omdat het beoogde doel daarmee kan worden bereikt. Aan de hand van de ernst en de omvang van de overtreding dient te worden beoordeeld in hoeverre sluiting van een pand noodzakelijk is ter bescherming van het woon- en leefklimaat bij de woning of het lokaal en het herstel van de openbare orde. In recente uitspraken heeft de Afdeling het beoordelingskader verder verduidelijkt voor wat betreft de noodzaak van woningsluiting.6ABRvS 2 februari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:285; ABRvS 6 juli 2022, ECLI:NL:RVS:2022: 1910, 1911 en 1913.
De volgende feiten en omstandigheden zijn daarbij onder andere van belang:
Is er sprake van gevaar voor de openbare orde.
De mate van gevaarzetting en de risico’s voor de omgeving, waaronder de aard en omvang van de aangetroffen stoffen en goederen.
Het soort verdovende middelen in samenhang met de hoeveelheid aangetroffen drugs.
Is er sprake van recidive.
De ligging van een woning of lokaal in een voor (drugs)criminaliteit kwetsbare wijk, waarbij een groter gewicht mag worden toegekend aan de signaalfunctie.
De drugshandel of hennepteelt / drugsproductie heeft een professioneel karakter.
Feitelijke handel in/vanuit pand: voor de beoordeling van de ernst en de omvang van de overtreding is mede van belang of de aangetroffen drugs feitelijk in of vanuit het pand werden verhandeld en of sprake is van een ‘loop’ naar het pand.
Een combinatie van aanwezigheid van middelen als bedoeld op Lijst I en II van de Opiumwet;
De mate van (ernstige) overlast rondom de locatie.
Overige feiten en/of omstandigheden die duiden op georganiseerde drugshandel en/of ernstige ondermijnende criminaliteit in (georganiseerd) verband.
Verzwarende omstandigheden
Er kan ook sprake zijn van feiten en omstandigheden die op zich zelf al bij de noodzakelijkheidstoets betrokken zijn, maar in hun onderlinge samenhang of gezien de omvang toch noodzaken tot een zwaardere maatregel dan in de handhavingsmatrix als passend is aangegeven. Verzwarende omstandigheden kunnen leiden tot een zwaardere maatregel dan in de matrix is aangegeven. Wanneer een langere sluitingsduur noodzakelijk wordt geacht, wordt in beginsel aansluiting gezocht bij de sluitingsduur van de volgende constatering (bij een eerste constatering verzwaring van de sluitingsduur naar die van tweede constatering etc). Wanneer een sluiting in plaats van een last onder dwangsom noodzakelijk wordt geacht, wordt aansluiting gezocht bij de sluitingsduur van een eerste constatering.
Te denken valt aan de volgende niet limitatieve (verzwarende) omstandigheden:
omvang van de aangetroffen verdovende middelen en/of aanwezigheid van wapens en/of munitie in de zin van de Wet wapens en munitie;
indicaties van betrokkenheid bij grootschalige (internationale) drugshandel en/of in combinatie met verdenking witwassen;
de aanwezigheid van grote sommen contant geld;
ernstige gewelds- of andere openbare orde delicten gelieerd aan de locatie (waaronder ripdeals, aanslagen, bedreiging, mensenhandel, prostitutie, illegaal vuurwerk);
de aannemelijkheid dat er ook andere locaties betrokken zijn bij de drugshandel;
zeer ernstig gevaar voor en/of bedreiging van de woon- en leefomgeving.
De burgemeester zal aan de hand van bovenstaande feiten en omstandigheden per geval beoordelen of voldoende noodzaak bestaat over te gaan tot sluiting van een pand en of een sluiting voor langere duur noodzakelijk is.
Hoofdstuk 8. › Paragraaf 8.2
Artikel 8.2.1
Bestaat de noodzaak tot sluiting?
Onderdeel van Beleidsregels toepassing artikel 13b Opiumwet Heemstede 2023