**1..** Het college subsidieert per uur per gecontracteerde peuterplaats. Voor de in artikel 2, lid 1, sub a genoemde doelgroep geldt:
voor de eerste 50% van het aantal gecontracteerde uren per week bedraagt de maximale subsidie per bezette peuterplaats per jaar:
(uren per week) * (aantal weken) * (ve-subsidie-uurtarief minus de geldende, berekende ouderbijdrage conform artikel 4 lid 3);
de tweede 50% van het aantal uren per week zijn voor doelgroeppeuters gratis, de maximale subsidie per bezette peuterplaats per jaar bedraagt daarvoor:
(uren per week) * (aantal weken) * (ve-subsidie-uurtarief).
**2..** Voor de in artikel 2, lid 1, sub b genoemde doelgroep geldt dat de maximale subsidie per bezette peuterplaats per jaar bedraagt: (uren per week) * (aantal weken) * (het subsidie-uurtarief voor reguliere peuters minus een inkomensafhankelijke ouderbijdrage volgens de tabel Kinderopvangtoeslag van het Rijk);
Het subsidie-uurtarief voor reguliere peuters bedraagt ten minste het fiscaal maximum van het betreffende kalenderjaar.
**3..** Het ve-subsidie-uurtarief dekt de kosten voor: het voldoen aan alle wettelijke eisen, de uitvoering van ve-activiteiten, materialen, coördinatie en managementuren, taakuren voor overdracht, signalering en oudergesprekken, scholing en professionalisering.
**4..** Het college subsidieert een aanvullende locatiegebonden subsidie voor de inzet van de beroepskracht voorschoolse educatie en het bieden van extra zorg op de groep. Hiervan bedraagt de minimale subsidie: (aantal verplichte uren per jaar) * (aantal doelgroeppeuters per groep) * (uurtarief beroepskracht voorschoolse educatie).
**5..** Het college stelt jaarlijks voor 15 september de subsidie-uurtarieven voor peuterplaatsen (regulier en ve) en de beroepskracht voorschoolse educatie vast.
Artikel 3
Hoogte subsidiebedrag voor peuterplaatsen en de beroepskracht voorschoolse educatie
Onderdeel van Verordening Voorschoolse Educatie en Peuteropvang 2023