Naar hoofdinhoud

Artikel 1.

Delegeren bevoegdheden vaststellen omgevingsplan

Onderdeel van Delegatiebesluit Omgevingsplan gemeente Beek 2023

De gemeenteraad delegeert de bevoegdheid tot vaststelling van delen van het omgevingsplan aan het college van burgemeester en wethouders in de volgende gevallen: die delen van het omgevingsplan die krachtens het overgangsrecht als omgevingsplan (van rechtswege) gelden en betrekking hebben op de delen van bestemmingsplannen die een wijzigings- en/of uitwerkingbevoegdheid (artikel 3.6 Wet ruimtelijke ordening) bevatten, met inachtneming van de hieraan gestelde voorwaarden; Het wijzigen van onderdelen van het tijdelijke omgevingsplan naar onderdelen van het nieuwe omgevingsplan op basis van de wijzigings- en uitwerkingsregels op grond van de Wet ruimtelijke ordening, zoals die zijn vastgelegd in bestemmingsplannen waarvan het ontwerp ter inzage lag of die golden op het moment van inwerkingtreding van de Omgevingswet. Dit mag ook door deze regels om te vormen tot binnenplanse beoordelingsregels. het nemen van een voorbereidingsbesluit voor een locatie met het oog op de voorbereiding van in het omgevingsplan te stellen regels; vaststelling van delen van het omgevingsplan voor ontwikkelingen met een beperkte ruimtelijke impact: Een ontwikkeling van 1 woning in de (hoofd)kernen; Een ontwikkeling van 1 woning in het buitengebied; Ontwikkeling van verblijfsrecreatieve voorzieningen met een capaciteit kleiner of gelijk aan 30 slaapplaatsen of kleiner of gelijk aan 10 kampeerplaatsen/camperplaatsen; Ontwikkeling van commerciële voorzieningen (zoals winkels) kleiner of gelijk aan 750 m² bvo (nieuwbouw en uitbreiding bestaande voorzieningen); Ontwikkeling van kantoren kleiner of gelijk aan 500 m² bvo (nieuwbouw en uitbreiding bestaande kantoren); Ontwikkeling van bedrijventerreinen kleiner of gelijk aan 1.500 m² bvo (nieuwbouw en uitbreiding bestaande bedrijventerreinen). Uitgezonderd zijn ontwikkelingen waarbij in de voorbereiding een Milieueffectrapportage moet worden gemaakt (MER-plichtige activiteiten) en ontwikkelingen waarbij bebouwing wordt gerealiseerd in een Natura2000-gebied; het vertalen van verleende omgevingsvergunningen in afwijking van het omgevingsplan (buitenplanse omgevingsplanactiviteiten); het actualiseren/aanpassen van het omgevingsplan aan veranderende wet- en regelgeving en beleidsnormen voor zover hier geen beleidsvrijheid meer is toegekend; het doorvoeren van juridisch-technische en redactionele aanpassingen en correcties van omissies van het omgevingsplan ter verbetering, allen met geen of geringe invloed op de fysieke leefomgeving; het verwerken van kaderstellend beleid waarover na inwerkingtreding van onderhavige regeling door de gemeenteraad is besloten, indien de gemeenteraad bij vaststelling van dat beleid akkoord is gegaan met uitwerking van het betreffende beleid door het college; het toevoegen en/of wijzigen van begripsbepalingen voor zover deze geen wezenlijke wijzigingen voor de fysieke leefomgeving tot gevolg hebben; het toevoegen van die onderdelen uit de gemeentelijke verordeningen die beleidsneutraal overgeheveld gaan worden naar het omgevingsplan; het aanwijzen, wijzigen en schrappen van gemeentelijke monumenten; het aanpassen van informatieproducten van het omgevingsplan

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel