De gemeente is verantwoordelijk voor het nemen van maatregelen in de openbare ruimte om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstanden voor de aan die grond gegeven bestemming zo veel mogelijk te voorkomen (artikel 2.16, lid 1a-2 Ow). Althans, voor zover de maatregelen doelmatig zijn en niet tot de zorg van het waterschap of de provincie behoren. Vaak zal het gaan om het aanbieden van inzamelvoorzieningen voor overtollig grondwater. Als de gemeente inzamelt, is ze ook verantwoordelijk voor de verdere omgang met het grondwater. Ook is zij aanspreekpunt bij grondwaterproblemen: zij heeft de regie bij het onderzoeken van oorzaken en oplossingen.
De gemeente is geen beheerder maar regisseur van het grondwater. Het waterschap beheert het oppervlaktewater. Tussen grond- en oppervlaktewater bestaat een nauwe samenhang. Op dit grensvlak is samenwerking tussen beide overheden vanzelfsprekend.
De gemeente beheert voorzieningen in de vorm van een openbaar ontwateringstelsel, waarmee grondwater wordt ingezameld, getransporteerd, nuttig toegepast of teruggebracht in het milieu. Het af te voeren grondwater kan afkomstig zijn van openbaar terrein en van particuliere percelen. Voor de inzameling op particulier terrein is de perceeleigenaar verantwoordelijk. Daarnaast is een woningeigenaar conform de bouwregelgeving verantwoordelijk voor de waterdichtheid van zijn woning (zowel dak als vloer!).
De gemeente rekent de volgende taken tot haar verantwoordelijkheid:
In de bestemmingsfase potentiële problemen verkennen en voorkomen op basis van de ‘watertoets’ (ruimtelijke ordening).
In de inrichtingsfase de maatregelen realiseren door middel van grondexploitatie en bouwvoorschriften (bouwvergunning).
In onvoorziene omstandigheden binnen de grenzen van doelmatigheid, maatregelen te treffen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken.
Opzetten van een grofmazig grondwatermeetnet dat verfijnd wordt op basis van klachten. In elke kern moet een grondwatermeetpunt aanwezig zijn.
Inventariseren en beheren van drainage.
De gemeente spreekt van grondwateroverlast als de grondwaterstand, gemeten in het wegprofiel, hoger is dan 0,50 m¹ beneden maaiveld voor een aaneengesloten periode van 2 weken.
Grondwateronderlast is niet breed bekend binnen de gemeente. Grondwateronderlast zijn te lage grondwaterstanden die tot schade leiden, zoals bijvoorbeeld verdroging of rottende paalfundering. Na de zomer van 2019 zijn op kleine schaal klachten binnengekomen over scheurvorming in gevels, mogelijk zettingsschade door dalende grondwaterstanden. In de komende jaren kan hier een verhoogde inspanning nodig zijn.
De wet geeft gemeenten de plicht voor een loketfunctie. Burgers moeten bij de gemeente terecht kunnen met een klacht. Deze ruimte wordt geboden via de dienstverleningskanalen.