Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1 › Paragraaf 1.9 Bijzondere wetten

Artikel 1.31 Wet op de kansspelen

Artikel 1.31 Wet op de kansspelen

Onderdeel van Besluit van de raad van de gemeente Lochem tot vaststelling van de Verordening op de heffing en de invordering van leges 2024

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen: voor een periode van twaalf maanden voor één kansspelautomaat € 56,50; voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer kansspelautomaten, voor de eerste kansspelautomaat € 56,50 en voor iedere volgende kansspelautomaat € 34,00; voor één kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd € 226,50; voor twee of meer kansspelautomaten, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd, voor de eerste kansspelautomaat € 226,50 en voor iedere volgende kansspelautomaat € 136,00; Het eerste lid, onderdelen a en b, is van overeenkomstige toepassing als de vergunning geldt voor een tijdvak korter dan twaalf maanden of langer dan twaalf maanden maar ten hoogste vier jaar, met dien verstande dat de daar genoemde bedragen naar evenredigheid van het verschil in looptijd van de vergunning verlaagd respectievelijk verhoogd worden. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning) € 18,30.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel