Naar hoofdinhoud
Deze nadere regel verstaat onder: Culturele broedplaats: een verzameling van werkruimten in één gebouw voor minimaal vijf kleinschalige bedrijven en organisaties in de kunst en cultuur met daarbij eventueel ruimten voor tentoonstellingen en uitvoering en andere ondergeschikte voorzieningen. Kleinschalige bedrijven en organisaties in de kunst en cultuur: bedrijven en organisaties actief in de cultuursector die maximaal 5 medewerkers hebben. De cultuursector omvat amateurkunst en cultuureducatie, archieven, architectuur en stedenbouw, beeldende kunst en vormgeving, dans, film, landschapsarchitectuur, letteren en bibliotheken, media, monumenten en archeologie, musea, muziek en muziektheater, en theater. Beheerorganisatie: natuurlijke persoon of rechtspersoon met een inschrijving bij de Kamer van Koophandel die werkruimtes, ruimten voor tentoonstellingen en uitvoering en andere ondergeschikte voorzieningen verhuurt of gaat verhuren aan kleinschalige bedrijven en organisaties in de kunst en cultuur. Vaste verhuur: de looptijd van het huurcontract is minimaal 1 maand. Losse verhuur: de looptijd van het huurcontract of gefactureerd gebruik bedraagt minder dan 1 maand. VVO: Het verhuurbare vloeroppervlak van de zelfstandig te gebruiken, afsluitbare units zelf (niet vermeerderd met aan deze units eventueel toe te rekenen delen van algemene ruimten) conform de gebruikelijke rekenmethodes in de vastgoedsector (NEN 2580). BVO: het bruto voeroppervlak, conform de gebruikelijke rekenmethodes in de vastgoedsector (NEN 2580). Casco: de wind- en waterdichte oplevering van de ruwbouw. Inbouw: alle aard- en nagelvaste onderdelen die aan het casco worden toegevoegd om het voor gebruik geschikt te maken.

Rechtspraak bij dit artikel