Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › § 3.3.2.

Artikel 3.82

Overige geluidshinder

Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving Zuidplas 2023 Omgevingswet

1.. Het is verboden buiten een inrichting toestellen of geluidsapparaten in werking te hebben of handelingen te verrichten op een zodanige wijze dat voor een omwonende of voor de omgeving geluidhinder wordt veroorzaakt. 2.. Het college kan voor het afwijken van het verbod een omgevingsvergunning verlenen. 3.. Het verbod van het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik van openbare sport- en speelvoorzieningen en terreinen voor zover het betreft de uitoefening van sport- en speelactiviteiten. 4.. Het college kan terreinen of wateren aanwijzen waar het verbod niet van toepassing is op het in werking hebben van bepaalde in de aanwijzing aangewezen categorieën van geluidsapparaten, toestellen of machines, voor zover wordt voldaan aan de door het college vast te stellen voorschriften ter voorkoming of beperking van geluidhinder. 5.. De in het vierde lid bedoelde voorschriften kunnen onder meer betrekking hebben op: het maximale geluidsniveau; de situering van geluidsbronnen; en de frequentie en tijden van gebruik. 6.. Het verbod geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien bij of krachtens de Omgevingswet, de Zondagswet, de Wet openbare manifestaties, het Vuurwerkbesluit, bij een besluit waar specifieke regels zijn gesteld over de maximaal toegestane geluidsbelasting of de Omgevingsverordening Zuid-Holland.

Rechtspraak bij dit artikel