Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 12

Artikel 2.12.5

Weigerings- en intrekkingsgronden

Onderdeel van Huisvestingsverordening Amsterdam 2024

1.. Burgemeester en wethouders kunnen een huisvestingsvergunning voor een betaalbare koopwoning weigeren voor woningzoekenden die reeds een zelfstandige woonruimte in eigendom hebben of hadden. 2.. Burgemeester en wethouders kunnen een huisvestingsvergunning voor een betaalbare koopwoning intrekken, indien: het huishouden de in de vergunning vermelde woonruimte niet binnen vier maanden na oplevering van de betaalbare koopwoning als hoofdverblijf in gebruik heeft genomen; de vergunning is verleend op grond van door de houder van de vergunning verstrekte gegevens waarvan deze wist of redelijkerwijs kon vermoeden dat zij onjuist of onvolledig waren.

Rechtspraak bij dit artikel