Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Verplichting tot waterberging bij nieuwbouw en toename bebouwd oppervlak

Onderdeel van Hemelwaterverordening gemeente Zevenaar 2023

1.. Het is in daartoe door het college krachtens artikel 10.32a van de Wet milieubeheer, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, of in het omgevingsplan aangewezen gebieden vanaf percelen waarop nieuwbouw gebouwd wordt niet toegestaan te lozen op een gemeentelijke rioolvoorziening, tenzij een hemelwaterberging is aangebracht. De hemelwaterberging moet ook in stand gehouden worden. 2.. De verplichting tot waterberging geldt voor nieuwbouw en bij toename van het bebouwd oppervlak. 3.. Voor de hemelwaterberging gelden de volgende eisen: Bij een toename van het bebouwd oppervlak tot maximaal 2.000 m2 heeft de hemelwaterberging ten minste een capaciteit van 60 liter per m2 bebouwd oppervlak. Bij een toename van het bebouwd oppervlak vanaf 2.000 m2 komt de bergingseis terug in de watertoets. 4.. De hoeveelheid hemelwater die niet kan worden geborgen in de hemelwaterberging kan onder voorwaarden middels een noodoverloop geloosd worden op een nader aan te wijzen openbare rioolvoorziening. 5.. Bij een toename van het bebouwd oppervlak tot maximaal 6 m2 mag zonder ontheffing afgeweken worden van de verplichting tot waterberging, zolang het hemelwater op een andere wijze op het eigen perceel gehouden wordt. Het resultaat dient gelijkwaardig te zijn aan de verplichting tot waterberging. Voorwaarde hierbij is dat het hemelwater niet geloosd wordt op een gemeentelijke rioolvoorzienig. 6.. De verplichting tot waterberging bij nieuwbouw en toename van bebouwd oppervlak geldt vanaf de dag na de bekendmaking van de gebiedsaanwijzing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel