Naar hoofdinhoud
Raads- en commissieleden dienen schriftelijke vragen aan het college of de burgemeester in bij de griffier. Daarbij wordt aangegeven of er een voorkeur voor schriftelijke of mondelinge beantwoording bestaat. De griffier brengt de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen 10 werkdagen nadat de vragen zijn ingediend, tenzij het college of de burgemeester de griffier gemotiveerd in kennis stelt dat deze beantwoordingtermijn onmogelijk is, waarbij tevens aangegeven wordt binnen welke termijn beantwoording zal plaatsvinden. Het college of de burgemeester kan gemotiveerd het beantwoorden van schriftelijke vragen weigeren als de daarvoor noodzakelijke ambtelijke capaciteit naar oordeel van de secretaris in redelijkheid niet kan worden gevergd. Als de secretaris aan het college of de burgemeester adviseert om het verzoek tot beantwoording van schriftelijke vragen te weigeren, deelt hij dit gemotiveerd mee aan de griffier en aan het raads- of commissielid door wie het verzoek is ingediend. De griffier, de secretaris of het raads- of commissielid treden zo spoedig mogelijk in overleg over de vragen en de mogelijkheden voor beantwoording. Als overleg met de secretaris en griffier niet leidt tot een ook voor het raads- of commissielid bevredigende oplossing, kan deze de burgemeester verzoeken met de griffier en de secretaris in overleg te treden over de beantwoording van de ingediende schriftelijke vragen. Als er, ten minste 48 uur voor aanvang van een raads- of commissievergadering schriftelijke vragen worden ingediend, kan het college of de burgemeester de vragen mondeling beantwoorden tijdens het vragenhalfuurtje, tenzij de gemeenteraad, raadscommissie of de voorzitter schriftelijke beantwoording wensen. Schriftelijke antwoorden van het college of de burgemeester worden door tussenkomst van de griffier aan de raadsleden toegezonden. De vragensteller kan bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende raads- of commissievergadering en bij mondelinge beantwoording in dezelfde raads- of commissievergadering nadere inlichtingen vragen over het door de burgemeester of door het college gegeven antwoord, tenzij de raad of commissie anders beslist.

Rechtspraak bij dit artikel