Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 7

De adviescommissie

Onderdeel van Algemene Verordening nadeelcompensatie gemeente Zwolle

1.. Indien de aanvraag niet overeenkomstig artikel 6 wordt afgehandeld, wordt de aanvraag voorgelegd aan een onafhankelijke adviescommissie, die tot taak heeft het bestuursorgaan van advies te dienen over het op de aanvraag te nemen besluit, tenzij het bestuursorgaan besluit om de adviesopdracht aan één bepaald lid van de adviescommissie te geven, eventueel om te adviseren of ook andere deskundigen van de adviescommissie er bij dienen te worden betrokken. 2.. De commissie bestaat uit één of meer onafhankelijke deskundigen, die telkens voor een termijn van drie jaren door het college worden benoemd. In de commissie hebben ten minste zitting een juridisch deskundige, een taxatiedeskundige en een accountantsdeskundige. De concrete samenstelling is er van afhankelijk of de aanvraag betrekking heeft op schade wegens waardevermindering van een onroerende zaak dan wel schade wegens inkomensderving. Indien de commissie uit meer leden bestaat, wijst het bestuursorgaan de voorzitter aan. Op voorstel van de commissie kan deze eenmalig worden uitgebreid met een deskundige ter zake van een materie waarin de beschikbare deskundigheid niet voorziet. 3.. Voordat het bestuursorgaan de opdracht tot advisering verstrekt, informeert het bestuursorgaan de aanvrager en belanghebbenden - waaronder die als bedoeld in artikel 13.3c en artikel 13.3d van de Omgevingswet - over zijn voornemen om de aanvraag voor te leggen aan een commissie en over de samenstelling van de commissie. 4.. De aanvrager en belanghebbenden kunnen binnen twee weken na verzending van de kennisgeving schriftelijk en gemotiveerd bedenkingen uiten tegen de voorgenomen samenstelling. 5.. Het bestuursorgaan beslist binnen twee weken na het verstrijken van de in het vierde lid bedoelde termijn over de ingediende bedenkingen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel