Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 3.

Inrichting begroting en jaarstukken

Onderdeel van Financiële verordening gemeente Maasgouw 2023

1.. Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting wordt in aanvulling op het bepaalde in artikel 20 en artikel 21 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten inzicht gegeven in de ontwikkeling van de schuldpositie als gevolg van de begroting, de meerjarenraming, de investeringen en de grondexploitaties. 2.. In de jaarrekening wordt van de investeringen de uitputting van de geautoriseerde investeringskredieten en de actuele raming van de totale uitgaven en inkomsten weergegeven. 3.. Bij het niet volledig besteden van budgetten uit de (gewijzigde) begroting van het betreffende boekjaar, mag een bestemmingsreserve worden gevormd, waaruit in een volgend jaar deze specifieke lasten kunnen worden gedekt. Het budget dat voor overheveling in aanmerking komt mag alleen in het aansluitende boekjaar (jaar t+1) besteed worden. Een eventueel restant aan het einde van dat jaar (jaar t+1) valt in beginsel vrij in het jaarrekeningresultaat, tenzij de raad bij de 2e programmarapportage (Prorap) instemt met (gemotiveerde) budgetoverheveling. 4.. Aan de raad wordt zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk vóór 15 juli volgend op het boekjaar, een separate begrotingswijziging voorgelegd waarin zijn opgenomen de budgetten zoals bedoeld in artikel 3.3. 5.. In het overzicht van de geraamde incidentele baten en laten per programma worden posten vanaf € 25.000 afzonderlijk gespecificeerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel