Met woonvoorzieningen van niet bouwkundige aard worden losse voorzieningen bedoeld die geen deel uitmaken van de woning zelf, zoals:
**a..** losse douchebrancards;
**b..** badliften;
**c..** tilliften;
**d..** meubilair;
**e..** vloerbedekking.
Duidelijk zal zijn dat via de Wmo alleen voorzieningen worden vergoed die niet als algemeen gebruikelijk kunnen worden beschouwd. Een aantal woonvoorzieningen van niet bouwkundige aard dat wel voor vergoeding in aanmerking komt, valt niet onder de Wmo maar onder de Zorgverzekeringswet. Voorbeelden hiervan zijn: hulpmiddelen voor zitten, slapen, eten en drinken en communicatie, zoals stoelen, tafels, bedden, eetapparaten, aangepaste telefoons en alarmeringssystemen. Om in aanmerking te komen voor de voorziening moet langdurige noodzaak bestaan op basis van beperkingen die veroorzaakt worden door een aantoonbare stoornis. In principe wordt ook hierbij de periode van langer dan een half jaar gehanteerd. Voorzieningen die tijdelijk oftewel korter dan een half jaar nodig zijn, kunnen worden geleend via de Zorgverzekeraar- kortdurende uitleen. Het gaat hierbij b.v. om voorzieningen die na een operatieve ingreep tijdelijk nodig zijn om te kunnen douchen. Wmo-voorzieningen worden in principe in bruikleen verstrekt.
Hoofdstuk 1.10
Artikel 1.10.14