Naar hoofdinhoud
De belanghebbende die geen uitkering geniet krachtens de Participatiewet, IOAW of IOAZ, kan een verzoek indienen voor een betalingsregeling. Voor het treffen van een betalingsregeling en het vaststellen van de afloscapaciteit hanteren wij de volgende uitgangspunten: Wij gaan akkoord met een betalingsregeling als de vordering met het besproken maandelijkse termijnbedrag volledig wordt afgelost binnen een periode van 24 maanden, met een minimale aflossing van € 25,- per maand. Is het voor de belanghebbende niet mogelijk om de vordering volledig te voldoen binnen een termijn van 24 maanden, dan stellen we de afloscapaciteit als volgt vast: 5% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm vermeerderd met 35% van het meer-inkomen inclusief vakantietoeslag. De belanghebbende dient hiervoor juiste en volledige gegevens te verstrekken met betrekking tot zijn inkomsten. Is het voor de belanghebbende niet mogelijk om de afloscapaciteit zoals beschreven onder sub b volledig aan te wenden voor de vordering, dan kan diegene schriftelijk en gemotiveerd verzoeken om af te wijken van de genoemde percentages. Het college kan met dit verzoek instemmen wanneer kennis is genomen van alle relevante gegevens waartoe onder meer bewijsstukken van inkomsten, uitgaven en vermogensbestanddelen behoren. Belanghebbende kan voor het wijzigen van de betalingsregeling een schriftelijk verzoek doen, onder bijvoeging van financiële en andere relevante bewijsstukken. De betalingsregeling wordt ingetrokken wanneer; de belanghebbende de betalingsregeling onvoldoende nakomt; de belanghebbende onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en op grond van de juiste of volledige gegevens er geen betalingsregeling tot stand zou zijn gekomen; veranderde omstandigheden, waaronder het verkrijgen van vermogen dat meer bedraagt dan de voor hem geldende bijstandsnorm, zich verzetten tegen de voortzetting van de betalingsregeling. Toelichting op het artikel. Personen die geen uitkering van de gemeente ontvangen maar wel aan de gemeente moeten terugbetalen, kunnen niet altijd binnen de betalingstermijn terugbetalen. De debiteur kan dan een betalingsvoorstel doen om de vordering in 24-maandelijkse bedragen af te lossen. Als de gemeente daarmee instemt, treft de gemeente een betalingsregeling met de debiteur en hoeft hij de vordering niet in één keer af te lossen. Voorwaarde is wel dat de debiteur maandelijks ten minste € 25,00 per maand aflost op de vordering. Debiteuren kunnen ook verzoeken om een andere regeling wanneer zij niet het bedrag binnen 24 maanden kunnen terugbetalen. Om te berekenen wat zij kunnen aflossen moet er informatie worden overlegd. Uit deze informatie moet blijken wat de inkomsten van de debiteur zijn. Wanneer de debiteur het berekende aflossingsbedrag niet kan aflossen kan hij dat schriftelijk aan de gemeente Heerlen kenbaar maken waarom dat niet lukt. De gemeente kan dan aan de hand van de actuele gegevens opnieuw een berekening maken. Wanneer een betalingsregeling niet meer kan worden nagekomen dan kan de debiteur dat kenbaar maken. De gemeente zal dan opnieuw bekijken of de regeling dient te worden gewijzigd. Wanneer de debiteur zich niet aan de betalingsverplichting houdt, kan dit consequenties hebben voor de regeling. De betalingsregeling kan dan worden ingetrokken.

Rechtspraak bij dit artikel