Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.3

Artikel 19

Afzien van het opdragen van een tegenprestatie

Onderdeel van Verzamelbeleidsregels P-wet, IOAW, IOAZ en Bbz 2015

1.. Het college ziet af van het opdragen van een tegenprestatie als belanghebbende reeds voldoende maatschappelijk nuttige activiteiten verricht. 2.. Onder 'voldoende maatschappelijk nuttige activiteiten', zoals bedoeld in het eerste lid, wordt in ieder geval verstaan: naar vermogen regelmatig vrijwilligerswerk verrichten; deelnemen aan activiteiten in het kader van een re-integratietraject; voldoende solliciteren en anderszins voldoen aan de arbeidsverplichtingen voor kansrijke klanten; deelnemen aan een traject in het kader van hulpverlening; arbeid in dienstbetrekking verrichten voor tenminste tien uur per week. 3.. Het college ziet ook af van het opdragen van een tegenprestatie indien een belanghebbende zorgtaken verricht als mantelzorger, zoals beschreven in artikel 19 van de Verzamelverordening.

Rechtspraak bij dit artikel