Burgemeester en wethouders beoordelen bij de toetsing van geurhinder de volgende aspecten:
de (mogelijke) hinderlijkheid van de geur (hedonische waarde);
de (mogelijke) tijdsduur van de geurhinder;
het type omgeving waar (mogelijk) geurhinder optreedt en de mate van geurgevoeligheid daarvan;
onderscheid tussen bestaande en nieuwe situaties.
Burgemeester en wethouders hanteren een algemene basistoetsing voor continue emissies en een aanvullende toetsing gericht op hinder door piekconcentraties.
a. Basistoetsing
Gevoelige bestemming
Minder gevoelige bestemming
Nieuwe situatie
Maximale geurconcentratie overeenkomend met H=-1 (uurgemiddeld; 99,5 percentiel)
Geurreductie volgens BBT
Maximale geurconcentratie overeenkomend met H=-1 (uurgemiddeld, 95 percentiel)
H=-2 (uurgemiddeld, 98-percentiel) mag niet voorkomen = ernstige hinder
Bestaande situatie
Geurreductie volgens ALARA;
Maximale geurconcentratie overeenkomend met H=-1 ( uurgemiddeld, 98-percentiel)
Geurreductie volgens BBT;
Maximale geurconcentratie overeenkomend met H=-1 (uurgemiddeld, 95-percentiel)
H=-2 (uurgemiddeld, 98-percentiel) mag niet voorkomen = ernstige hinder
Voor de niet-gevoelige bestemmingen geldt slechts de minimumeis dat ernstige hinder (H= -2 uurgemiddeld, 98-percentiel) voorkomen moet worden. Wel dienen de eisen altijd op de BBT te worden gebaseerd.
b. Toetsing hinderlijke piekconcentraties (aanvullende toetsing)
De toetsing van hinderlijke piekconcentraties is een aanvulling op de basistoetsing. Geurhinder door piekconcentraties kan met name ontstaan bij discontinue bronnen en nabij hoge schoorstenen. Bij discontinue bronnen toetsen Gedeputeerde Staten de geurimmissie aan de waarde van meerdere percentielen. Daarbij geldt dat hoe minder vaak een piek optreedt hoe hoger de toelaatbare waarde kan zijn voor eenzelfde mate van hinder.
De verhouding tussen de waarden van de maximale geurconcentratie bij verschillende percentielen ligt daarbij als volgt:
Percentielwaarde
Verhouding normstelling
95
0,6
98
1
99,5
2
99,9
4
99,99
10
De relatief hoogste waarde van enig percentiel van de berekende geurimmissie geldt als maatgevend. Dit met uitzondering van de 99,99 percentiel, die wordt altijd slechts als indicatief bij de beoordeling betrokken.
Beoordeling op kortstondige piekconcentraties vindt plaats bij:
geurbronnen die minder dan 5% van het aantal uren per jaar (dat wil dus zeggen 438 uur) actief zijn;
geuremissie via een hoge schoorsteen.
Als een geurbron kortdurende pieken (minder dan een uur) in de omgeving veroorzaakt dan kunnen de piekwaarden niet met het gebruikelijke rekenmodel op basis van uurgemiddelde waarden worden bepaald. Deze kortdurende pieken kunnen met name optreden in de omgeving van hoge schoorstenen of specifieke processen. In dat geval wordt per situatie beoordeeld of de kortdurende pieken toelaatbaar zijn, afhankelijk van de sterkte (hedonische waarde) en frequentie van optreden alsmede de gevoeligheid van het ontvangende gebied.