De in dit artikel genoemde situaties worden aangewezen als gevallen waarin participatie van en overleg met derden door de aanvrager van de omgevingsvergunning verplicht is voordat een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, waarvoor het college van burgemeester en wethouders bevoegd gezag is, kan worden ingediend:
Een activiteit voor de duur van 10 jaar of langer die is geprojecteerd buiten de grenzen van het bestaand bebouwd gebied en:
niet past binnen de structuurvisie, de omgevingsvisie of de opzet van een ter visie gelegd ontwerp wijziging van het omgevingsplan én
hoger is dan 5 meter (voor antenne-installaties geldt hoger dan 40 meter) of meer dan 150 m² beslaat;
Besluiten waarvoor (conform artikel 16.65, lid 1, of lid 4 van de Omgevingswet) afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is (verklaard);
Gebouwen - met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen - hoger dan 20 meter;
Het realiseren van meer dan 11 wooneenheden binnen de bebouwde kom, niet passend binnen de structuurvisie, de omgevingsvisie of de opzet van een ter visie gelegd ontwerp wijziging van het omgevingsplan;
Bouwwerken geen gebouw zijnde hoger dan 20 meter;
Huisvesting van arbeidsmigranten met een andere woon- of verblijfsplaats;
De opvang (geen huisvesting) van asielzoekers of een andere categorie vreemdelingen.
Artikel 1.
Verplichte participatie in aangewezen gevallen
Onderdeel van Lijst met aangewezen gevallen waarin participatie verplicht wordt gesteld