Als belastingplichtige wordt aangewezen:
**1..** Degene die op 1 januari van het kalenderjaar als zodanig in de basisregistratie kadaster is vermeld, tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht is. Indien er met betrekking tot één onroerende zaak verschillende categorieën genothebbenden zijn, wordt de aanslag in onderstaande volgorde gesteld ten name van:
1.1 de beperkt gerechtigde, waarbij de volgende voorkeursvolgorde geldt:
1.1.1 de vruchtgebruiker c.q. gerechtigde krachtens recht van gebruik en bewoning;
1.1.2 de opstaller, met uitzondering van degene die een afhankelijk opstalrecht, danwel een opstalrecht t.b.v. de aanleg en het onderhoud van onder- of bovengrondse leidingen heeft;
1.1.3 de erfpachter dan wel de beklemde meier;
1.2 de eigenaar of appartementsgerechtigde;
1.3 degene die op andere wijze als genothebbende naar voren komt, daaronder begrepen de bezitter.
2. Indien er binnen één categorie meer genothebbende personen zijn
2.1 degene die ook als gebruiker wordt aangemerkt;
2.2 degene die het grootste aandeel in het genotsrecht heeft;
2.3 een natuurlijk persoon boven een niet-natuurlijk persoon;
2.4 bij gelijke aandelen de oudste in leeftijd;
2.5 degene die in de kadastrale registratie als ‘voornaamst zakelijk gerechtigde’ wordt aangemerkt.
3. Bij overlijden van de 'voornaamst zakelijk gerechtigde' wordt de aanslag:
3.1 gericht aan ‘de erven van’ de ‘voornaamst zakelijk gerechtigde’;
3.2 op verzoek gesteld op naam van de in leven zijnde echtgeno(o)t(e) in geval van onverdeeld eigendom.
4. Degene, die op een andere wijze als genothebbende naar voren komt.
Hoofdstuk
Artikel 8
Onroerende-zaakbelastingen(eigenaren-gedeelte)
Onderdeel van Beleidsregels gemeentelijke belastingen - Gemeente Westerveld