a. dag: een periode van 24 uren, aanvangende te 0.00 uur, of een gedeelte daarvan;
b. week: een periode van zeven achtereenvolgende dagen;
c. maand: een tijdvak dat aanvangt op een datum van een kalendermaand en eindigt op de dag voorafgaande aan diezelfde datum van de volgende kalendermaand;
d. jaar: een tijdvak dat aanvangt op een datum van een kalenderjaar en eindigt op de dag voorafgaande aan diezelfde datum van het volgende kalenderjaar;
e. vergunning: een door het gemeentebestuur verleende en in een gemeentelijke registratie opgenomen toestemming op grond waarvan een persoon een of meer voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond mag hebben.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van precariobelasting 2014