Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.1.

Begripsbepalingen

Onderdeel van Verstrekkingenboek maatschappelijke ondersteuning Opsterland 2011

In dit Verstrekkingenboek wordt verstaan onder: Algemeen gebruikelijke voorzieningen: voorzieningen waarvan het aannemelijk is te achten dat de begunstigde daarover de beschikking zou kunnen hebben, ook al had hij geen beperkingen als bedoeld in artikel 1, aanhef en sub c van de Verordening. Algemene voorziening: een voorziening die wordt geleverd op basis van directe beschikbaarheid, een beperkte toegangsbeoordeling en die een snelle, regelarme en adequate oplossing biedt voor de (tijdelijke) beperkingen die een persoon ondervindt; AWBZ: Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten; Begunstigde: de natuurlijke persoon ten behoeve waarvan de voorziening wordt aangevraagd, dan wel verleend. Beperkingen: moeilijkheden die een persoon heeft met het uitvoeren van activiteiten; Budgethouder: een natuurlijk- of rechtspersoon die ingevolge de Verordening een persoonsgebonden budget is toegekend en die aan het college verantwoording over de besteding van het persoonsgebonden budget verschuldigd is. CAK: Centraal Administratie Kantoor, verantwoordelijk voor het vaststellen en innen van de (maximale) eigen bijdrage; College: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Opsterland Compensatiebeginsel: de algemene verplichting aan het gemeentebestuur om personen met aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek door het treffen van voorzieningen een gelijkwaardige uitgangspositie te verschaffen zodat zij zelfredzaam zijn en in staat tot maatschappelijke participatie; Eigen bijdrage of eigen aandeel in de kosten: een door het college vast te stellen bijdrage, die bij respectievelijk de verstrekking van een voorziening in natura, een persoonsgebonden budget (een eigen bijdrage) of een financiële tegemoetkoming (eigen aandeel) betaald moet worden en waarop de regels van het Financieel Besluit en dit Verstrekkingenboek van toepassing zijn; Financieel Besluit: het Financieel Besluit maatschappelijke ondersteuning Opsterland dat jaarlijks wordt vastgesteld en waarin bedragen zijn opgenomen; Financiële tegemoetkoming: een tegemoetkoming in de kosten van een voorziening welke kan worden afgestemd op het inkomen van de cliënt; Gemeenschappelijke ruimte: gedeelte van een gebouw, bestemd voor bewoning, niet behorende tot de onderscheiden woningen, bestemd en noodzakelijk om de woning van de aanvrager vanaf de toegang van het gebouw te bereiken; Goedkoopst adequate voorziening: een voorziening die passend is voor de aanvrager en de beperkingen in voldoende mate compenseert, zodat de aanvrager zelfredzaam kan zijn en in staat is tot maatschappelijke participatie. Wanneer er sprake is van meerdere oplossingen, die allen passend zijn, wordt gekozen voor de meest goedkope voorziening. Huisgenoot: een ieder met wie de aanvrager duurzaam gemeenschappelijk een woning bewoont; ICF classificatie: classificatie van te onderscheiden functies in het menselijk functioneren. Problemen met deze functies leiden tot stoornissen bij activiteiten en participatie. Compensatie in het kader van de Wmo moet plaatsvinden op het niveau van deze functies. Individuele voorziening: een voorziening die individueel wordt aangeboden indien een algemene voorziening geen adequate oplossing biedt; Instandhoudingskosten: alle kosten die betrekking hebben op het in stand houden van de voorzieningen bestaande uit onderhoud, keuring, reparatie en mogelijk verplichte verzekeringen gerelateerd aan de economische levensduur. Maatschappelijke participatie: normale deelname aan het maatschappelijke verkeer, te weten het voeren van een huishouden, het normale gebruik van de woning, het zich in en om de woning verplaatsen; het zich zodanig verplaatsen dat aansluiting wordt gevonden bij regionale, bovenregionale en landelijke vervoersystemen; het ontmoeten van andere mensen en het aangaan en onderhouden van sociale verbanden om op die manier deel te nemen aan het lokale maatschappelijke leven; Mantelzorger:: een persoon, die mantelzorg verleent als bedoeld in artikel 1, lid 1 onder b van de Wet; Meerkosten: de kosten die uitgaan boven voor die persoon als algemeen gebruikelijk te beschouwen kosten voor een voorziening, die mogelijk krachtens de Wet maatschappelijke ondersteuning verleend wordt. Norminkomen: de van toepassing zijnde bijstandsnorm vastgelegd in de Wet werk en bijstand (Wwb). Persoon met beperkingen: een persoon die ten gevolge van ziekte of gebrek, inclusief chronische psychische en psychosociale problemen, aantoonbare beperkingen ondervindt bij het uitvoeren van activiteiten op het gebied van het voeren van een huishouden, bij het normale gebruik van de woning, bij het verplaatsen in en om de woning, bij het zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel en bij het ontmoeten van medemensen en het op basis daarvan aangaan van sociale verbanden; Persoonsgebonden budget: een geldbedrag waarmee de aanvrager een of meer aan hem te verlenen voorzieningen kan verwerven en waarop de in de Verordening, dit Verstrekkingenboek en het Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning te stellen regels van toepassing zijn; Sanering: een woonvoorziening van niet bouwkundige of niet woontechnische aard zoals het aanbrengen van vloerbedekking en raambekleding ten behoeve van COPD- en Astmapatiënten en vloerbedekking ten behoeve van rolstoelgebruikers; Verordening: Verordening maatschappelijke ondersteuning Opsterland; Verstrekkingenboek:: door burgemeester en wethouders vastgestelde beleidsregels Wmo individuele verstrekkingen Voorziening in natura: een voorziening die in eigendom, in bruikleen, in huur of in de vorm van persoonlijke dienstverlening wordt verstrekt; Wet:: Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo); WIA: Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen; Wvg: Wet voorzieningen gehandicapten; Zelfredzaamheid: het lichamelijk, verstandelijk, geestelijk en financiële vermogen dat deelname aan het normale maatschappelijke verkeer mogelijk maakt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel