Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6.1.

Inleiding

Onderdeel van Verstrekkingenboek maatschappelijke ondersteuning Opsterland 2011

Artikel 4 van de Wet maatschappelijke ondersteuning spreekt van: “a. een huishouden te voeren;” , in de modelverordening wordt hieronder zowel de woonvoorziening als de hulp bij het huishouden verstaan. Hulp bij het huishouden is in hoofdstuk 5 beschreven. Onder woonvoorziening wordt hier verstaan dat een aanvrager in staat gesteld wordt op een normale wijze te wonen, dat betekent dat de gemeente in het kader van de compensatieplicht als resultaatverplichting heeft dat de aanvrager alle activiteiten van het dagelijkse leven kan uitvoeren in de woning. Uitgangspunt hierbij is dat betrokkene al wel een woning heeft. Omdat de woning niet geschikt is voor de beperkingen die betrokkene heeft, is er behoefte aan een (meer) geschikte woning. Dat kan dezelfde woning zijn, maar dan geschikt gemaakt, of een andere woning, die (meer) geschikt is en eventueel geschikt gemaakt wordt. Het is dus niet zo dat een gemeente een woning moet realiseren. Wel kan een gemeente helpen zoeken naar een geschikte woning. Het hebben van een woning is en blijft de verantwoordelijkheid van iedere Nederlander zelf.

Rechtspraak bij dit artikel